Voeten aan de deur

Op de achtergrond doemde de politiek weer eens op, goed geklede mannen en vrouwen die besluiteloos heen en weer liepen.

Er kloppen altijd wel voeten aan de deur.

En dat terwijl wij in een viszaak, gezeten tussen een keur van melancholici, verrukkelijke vis & friet aten. Er is altijd wel iemand die je verafschuwt, probeerde ik nog.

Terug in ons dorp, dat er rustig bij lag, begon het te regenen, speels en geestig maar te kort, vogels bleven fluiten. Aan de overkant een boer die jammerde.

Waarna ik overlas wat ik geschreven had en mijn vertrouwen verloor, tierde: klootzak van een postmoderne schrijver! en schrok van mijn eigen oprechtheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *