Naar het pittoreske Niehove (GR) getuft, waar werd gewandeld (Oebelepad-Oude Dijk-Laarzenpad) en geluncht (Bistro Eisseshof). Veel bloemen, veel bijen, veel dazen én uitstekende garnalenkroketjes, bijgestaan door een Eggens Tripel.
Bracht de middag door met Nootebooms dagboeken (1970-1995) en vermaakte me kostelijk met zijn decadente gedragingen. Zo schrijft hij ‘Morbide angsten over toekomst, geld etc. Zo burgerlijk, wat moet ik doen om daar van af te komen?’ En even verderop: ‘Naast dit [dagboek] houd ik een werkelijk dagboek bij, in een wijnjaarboek; alles wat ik (we) eet en drink. Het idee dat iemand dat vindt, deze apotheose van materialisme – elke dag 3 gangen, en de wijn(en) daarbij.’
Hahaha! De tering naar de nering zetten was niet zo Nootebooms ding!
Ik vind Cees Nooteboom een puike schrijver, hou vooral van zijn romans en reisboeken, maar hij wil me wel íets te vaak als erudiet overkomen.
Wie zich wil meten met de grootsten dient erudiet te zijn, zeker, maar de allergrootsten etaleren hun eruditie niet. (Wijsheidje mijnerzijds.)