Ego’s & emo’s

‘We laten ons hier niet leiden door onze ego’s,’ zei iemand uit smeltkroes Antakya gisteravond, ‘maar leven samen als broeders.’ Wat ik van wijsheid getuigen vond.

Ja, zekers, poepdruk vandaag. Kwam later, na de drukte, een foto tegen, waarop Hennie (links) en ik ons wild hebben uitgedost. Het is begin 1988. We wonen en werken in Duitsland. Hennie is zwanger van Anoek, ik ben nog geen dertig en bekleed de rang van kapitein. We zijn net aangekomen – welkomsdrankje in de hand, nog nuchter – op het punkfeest van Jaap & Wilma. Het zou een gedenkwaardige avond worden, die iedereen paste. Bizar en ademloos.

Kon, nadat ik bovenstaande herinnering neerpende, nog juist een aanval van melancholie afslaan met een glas wijn uit de Loire.

Aardser, toegankelijker ook

Vandaag in Dagblad van het Noorden & Leeuwarder Courant, rubriek Het is gezien, het is niet onopgemerkt gebleven, een signalement van mijn nieuwe bundel door Joep van Ruiten:

Elke dag een nieuw begin.

Wat een van God gegeven vorm van optimisme is.

En iets met vrijheid te maken heeft,

en ook het geluk van de dichter als hij of zij een aanvang maakt met het schrijven van een volgend vers.

Vanochtend teruggekeerd uit Gorredijk waar rust en vrede heersten. Thuis twee nieuwe dichtbundels in de Gaia Chapbooksreeks gelanceerd, waaronder eentje van mijzelf. Het loslaten van Waar tijd al niet goed voor is deed me enerzijds pijn en anderzijds glimmen van trots.

Bovendien impliceert loslaten de mogelijkheid om opnieuw te beginnen,

fris en levendig en hoopvol!

Zeijen, 2020 © Ton van ’t Hof

In de nieuwe Poëziekrant staan twee digitale landschappen en twee gedichten van mijn hand. Het landschap hieronder heet ‘Zomerse weilanden bij Lekkum’.

Stoof door de krant heen, eeuwige herhaling van ellende. Besteedde aandacht aan een artikel van een universitair hoofddocent – ‘Het zoeken naar consensus onder klimaatwetenschappers leidt tot behoedzame schattingen en geregeld worden risico’s daarom onderschat.’ – en de overwinning van eerste divisionist Cambuur gisteravond – ‘Noem het “Herbstmeister” of “winterkampioen”; SC Cambuur is het nu al.’

Bob Vanden Broeck stuurde me zijn definitieve poëziemanuscript toe: hij zal volgend jaar in de Gaia Chapbooksreeks debuteren.

Verving twee gedichten in mijn eigen manuscript. Daarna gewandeld & vis gegeten. ’s Middags de omslag van mijn nieuwe bundel vervolmaakt, de boel geüpload en een proefdruk besteld van Waar tijd al niet goed voor is.

Een aanstekelijk geluk overviel me.

In bad verder gelezen in Paolo Cognetti’s De buitenjongen. Een dijk van een verhaal over een writer’s block in de bergen. Sober en bedaard verteld, vol zalige eenzaamheid & ruige natuur van de Grajische Alpen. Het boek roept een verlangen bij me op naar dikke profielzolen & grootse panorama’s.

Gytsjerk, 2019 © Ton van ’t Hof