Omstandigheid van de dag

Koos van Zomeren, Omstandigheden: ‘Is het [leven] dan allemaal tevergeefs geweest? Geen flauw idee. Ik zou zeggen: definieer vergeefsheid, ja, definieer vergeefsheid eens zo dat niet álles vergeefs is. Kijken we daarna verder.’

De regen kletterde op de ramen toen ik om 07.30 uur begon aan een nieuw boek: De omgevallen boekenkast, waarin journalist Hans van Straten (1923-2004) zijn aantekeningen over en naar aanleiding van boeken verzamelde. Een boekenboek voor hartstochtelijke boekenlezers. Deeltje privé-domein nr. 133 (1987) dat ik voor € 16,75 inclusief verzendkosten aanschafte bij een antiquair.

Volgens buienradar neemt vanochtend het binnen zitten vanuit het westen toe.

Dronk een extra bakje koffie.

Verzette na enkele regenbuien toch nog flink wat werk in de tuin, haalde het nummerbord op voor het aanhangwagentje en wandelde met Hennie naar Foudgum, waar dichter en predikant Piet Paaltjes enkele jaren woonde en werkte.

Prachtig plekje. Ca. tachtig inwoners, vrijwel allemaal in eeuwenoude huisjes. De pastorie waarin Paaltjens ooit resideerde is thans een B&B. Foudgum als omstandigheid.

Waar je voeten je heen brengen. 

Brantgum, 2020 © Ton van ’t Hof

Kop vol haar

Lees thans ’s avonds veel. Alleen op onze iPads hebben we nog tv. Geen standalone kastje meer. En dan grijp ik kennelijk sneller naar een boek. Bevalt me voor het moment uitstekend. Alsof ik mijn tijd beter besteed. (Alsof, maar geenszins zeker.)

Begonnen in Otto’s oorlog, waarmee Koos van Zomeren in 1983 literair doorbraak. 37 jaar geleden. Tjee. Ik was toen Eerste Luitenant en werkte in een bunker op de Veluwe, in ploegendienst. Kop vol haar, nog zat potentie. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Afgelopen dagen zo druk als een klein baasje geweest. Geen tijd genomen voor het bijhouden van dit dagboek, wel voor het verzorgen van de tuin en het werken aan reparaties in en om het huis. What else? 

Eén van Van Zomerens personages over Banc d’Arguin, Mauritanië: ‘Dit is de wereld zoals hij God voor ogen moet hebben gestaan voordat zijn schepping begon te mislukken.’ Van Zomeren bezocht begin 1980 dit gebied.

Geweldig sloopweertje vandaag, zweten geblazen. En dan: tiid foar in bier.

Waaxens, 2020 © Ton van ’t Hof

Mijn eerste meubelstuk

Vanochtend de eerste verjaardag van Gaia Chapbooks gevierd met de publicatie van het negende deeltje in de reeks: Your Daily Fake Poetry van debutant Bob Vanden Broeck.

Vervolgens deel tien gezet, dat volgende maand zal verschijnen: De kolengruizer van Martin Knaapen.

Daarna pompoensoep gemaakt en wat gelezen:

‘Het probleem met Nederland is dat de landschappen hier nog vergankelijker zijn dan wijzelf.’

Koos van Zomeren

‘s Middags de overall aangetrokken en mijn eerste meubelstuk gemaakt: een stoel, vrij (want niet helemaal gelijk) naar een ontwerp van de Italiaanse designer Enzo Mari (1932). Morgen beitsen.

Geen geheimen hebben

Met de bus op en neer naar Leeuwarden geweest voor een gebitsreiniging. De tandartspraktijk in Holwerd neemt momenteel ‘helaas geen nieuwe patiënten aan’. Daarom zijn we voorlopig nog op onze oude (en vertrouwde) tandarts aangewezen. Maar wat me voorheen een uurtje kostte, kost me vanwege de toegenomen reistijd thans drie uur.

En wat een takkenweer onderweg! Gelukkig hield Koos van Zomeren me gezelschap; citaat uit Nog in morgens gemeten. Nieuw Herwijns dagboek (2006): ‘Regen, wind, een nieuwe kou. Mooi weer vind ik ook wel mooi, maar van lelijk weer, vooral als het net een hele tijd mooi is geweest, kan ik echt vrolijk worden.’

Eenmaal weer thuis: kop zelfgemaakte erwtensoep opgelepeld, aannemer gebeld, dakpannenreiniger aangeschreven, proefdruk van Bob Vanden Broecks Your Daily Fake Poetry besteld, naambordje op de deur geschroefd, tig verhuisdozen uitgepakt.

En o ja, het loffelijk streven van vandaag was: eerlijk zijn, en aardig, met beide benen op de grond blijven staan, geen geheimen hebben; oftewel: oprekken dat perspectief!

Brantgum, 2020 © Ton van ’t Hof

Een duizenddingendag. De highlights: op basis van de proefdruk de laatste veranderingen in mijn nieuwe bundel aangebracht; onder fonkelende zon twee uurtjes gefietst; een flesje Kammeraat. Russian Imperial Stout (gebrouwen in Friesland) opengetrokken.

De verspreidingskaart van de familienaam Leupen bestudeerd. In het Nederland van 2007 kwam Leupen 254 keer als achternaam voor. De verspreiding in de oostelijke helft van Nederland komt me bekend voor; daar huist mijn familie. Met de Leupens uit het westen lijken we, vooralsnog, niet in directe connectie te staan. Maar wat niet is, kan nog komen.

Las dat Leupen een afleiding (patroniem) zou kunnen zijn van de Germaanse voornaam Lodebert of Liebert, Lieboud.

Kwam ook nog een bedrukte Koos van Zomeren tegen, in Nog in morgens gemeten. Nieuw Herwijns dagboek (2006). Van Zomeren is iemand die graag zou willen dat het leven zin heeft, en als hij beseft dat dat niet zo is, wat regelmatig voorkomt, kan hij lichtelijk neerslachtig worden. Zoals nu:

‘Onverschillig voor onze beslommeringen verstrijken de jaren. En dan is het, geloof ik, niet zozeer het besef van de dood dat me beklemt, maar het besef van de nutteloosheid van de dingen die je je leven lang met je meesleept. Wat doet het ertoe waar je je ooit hebt thuisgevoeld, wat maakt het uit waar je ooit van gehouden hebt? Terwijl de aarde maar doordraait en steeds warmer schijnt te worden, worden onze dromen kouder en kouder.’

Koos van Zomeren
Vrouwenparochie, 2019 © Ton van ’t Hof

Boekenlijstjes? Ik verafschuw ze! en las dit jaar tot nu toe 91 boeken en gaf 9 ervan de hoogste score, 5 sterren:

  • Five Poems, Joseph Massey
  • Deutschboden. Participerende observatie, Moritz von Uslar
  • There You Are: Interviews, Journals, and Ephemera, Joanne Kyger
  • Inleiding tot het Zen-Boeddhisme, D.T. Suzuki
  • Een jaar in scherven, Koos van Zomeren
  • Wij zijn politiek. Het denken van Daan Rovers, Marc van Dijk
  • A New Silence, Joseph Massey
  • John Ashbery and American Poetry, David Herd
  • De buitenjongen, Paolo Cognetti

Deed de laatste boodschapjes in stromende regenval, hing de hele middag boven dampende pannen en negeerde mijn emoties niet bij het beoordelen van de bereidingen: f*cking lekker!

Leeuwarden, 2019 © Ton van ’t Hof

‘Nog altijd loop je hier,’ zegt Koos van Zomeren in een van zijn stukjes voor NRC, ‘aan de hand van de mensen van toen.’ Onze stormachtige verovering van het landschap is overal zichtbaar. Daar doelde Van Zomeren op.

Zeg maar tja.

Uitslag van het kweekje: geen schadelijke bacterie, geen schimmel in de mond. Wat dan? Mondbranden, zei de arts vorige week, zou het ook kunnen zijn. En daar is niets aan te doen. Meestal gaat dat vanzelf weer over. Meestal wel. Kan maanden duren.

Zeg maar tja tegen je tja.

‘Wat eten we?’ ‘Lasagne, maar anders dan anders.’ Wat een halvering bleek te zijn van het gebruikelijke aantal ingrediënten. Eenvoud is het kenmerk van het ware.

Terwijl ik de verrekijker uit de tas opdiepte vloog de vogel op en streek een stuk verderop neer. Door de kijker zag ik wat ik eerder ook al waargenomen had: bruin gevlekt met een kuif. En weg was-ie weer. Opgelost. Thuis kwam ik eerst tot de conclusie dat het een veldleeuwerik moest zijn geweest, maar las even later dat dat beestje zo goed als verdwenen is uit Nederland. Maar welke vogelsoort hadden we dan gezien?

Bij Bartlehiem weigerden vier parelhoenders en een pauw ons de doorgang. En gillen dat ze deden!

Je hoort mij deze dagen niet klagen over te weinig actie, hoor!

Ook onvergetelijke wolkenpartijen vandaag.

Het geven van meninkjes, vellen van oordeeltjes, huldigen van standpuntjes; ze komen mijn neus uit. Toch zal ik er vroeg of laat weer aan moeten.

Koos van Zomeren—Een jaar in scherven. ‘Uitsterven is een wel erg hevige manier van sterven.’

ADVENANT, bn. hupsch, vriendelijk, voorkomend; bijw. naar advenant, in evenredigheid met het vorige, naar evenredigheid.

Vrouwenparochie, 2019 © Ton van ’t Hof

Werd herinnerd aan iets van vroeger—Silvershag—en dacht: dat pakje was toch groen?

Koos van Zomeren—Een jaar in scherven. ‘Kundig niksen is het ruggenmerg van het [schrijvers]vak.’

Vanochtend met ma op Wilgeneiland gewandeld. De temperatuur steeg snel, maar onder de knoepers van bomen was het nét te doen. Ik had nog wat vragen openstaan. In het trouwboekje van mijn ouders valt te lezen dat ik één dag na mijn geboorte de doop kreeg toegediend. Klopte dat? En was mijn moeder daarbij geweest? Of had mijn vader me meegenomen terwijl zij in het kraambed achterbleef? Ik begon voorzichtig:

‘Weet je nog dat ik gedoopt ben, ma?’
‘Uh, jij?’
‘Vlak na mijn geboorte.’
‘O ja? Wie heeft dat gedaan dan?’
‘In de kerk’
‘Vroeger gingen wij wel eens naar de kerk, ja.’

Geen antwoord gekregen, dus. Misschien dat mijn peetoom of peettante, die beiden nog leven, het wél weet.

Luisterde in de auto naar een interview met Ap Verheggen, een Nederlandse kunstenaar die een methodiek bedacht waarmee je water kunt winnen uit droge woestijnlucht. Momenteel wordt er een machientje getest dat, op tamelijk eenvoudige maar vernuftige wijze, 600-1000 liter water per dag produceert, op zonne-energie. Wauw.

Vanochtend vroeg het ebook & de paperback vervaardigd van Brandsma. Een Friese familiekroniek en een proefdruk van de paperback besteld. Over veertien dagen ligt het als #5 van de Gaia • Chapbooks reeks in de winkel.

Dit boekje vervult me met een zekere trots. Het is de vrucht van diepgravend genealogisch onderzoek dat zich over enkele jaren uitstrekte. Vervolgens is het een kunst om alle losstaande feiten om te zetten in een vlotlezend verhaal. Ik denk dat ik daar wel in geslaagd ben. Een strofe van Rutger Kopland dient als motto:

Want zoals altijd en overal en iedereen
kwamen ook wij weer op het punt
dat we tot geen generatie behoorden,
we lagen er alleen voor

Daarna naar Veenwoudsterwal—één van Frieslands mooiste dorpen—gefietst en bij ‘t Dûke Lûk een boerenbal met patat gegeten. Misschien gaan we morgen terug om er een fluisterbootje te huren en door het natuurgebied It Bûtenfjild te varen.

Met het oog op de naderende hittegolf een limoengroen schaduwdoek & een bevestigingssetje besteld.

Koos van Zomeren—Een jaar in scherven. Hij wil zich niet in een debat mengen en geeft daar als reden voor op: ‘Waar standpunten worden betrokken maakt de waarheid zich klein.’ Een boeddhistische gedachte. Prachtboek, dat ik nu voor de derde keer lees.

Vijf uur. Plop! Mindful drinking!