Het verlangen naar spetterend vers (5)

Iemand zei van de week op Facebook, ik geloof Joseph Massey, dat Rae Armantrout onlangs ‘The Red Wheelbarrow van de 21e eeuw’ geschreven heeft, getiteld Object en te bewonderen op Poetry Daily. William Carlos Williams’ The Red Wheelbarrow, uit 1923, is een van de bekendste Amerikaanse gedichten uit de vorige eeuw. Het is een schoolvoorbeeld van een imagistisch vers, dat ondubbelzinnig, beknopt en melodieus wil zijn. Of, zoals de Engelse dichter F.S. Flint het formuleerde:

  1. ‘Direct treatment of the “thing,” whether subjective or objective.
  2. ‘To use absolutely no word that did not contribute to the presentation.
  3. ‘As regarding rhythm: to compose in sequence of the musical phrase, not in sequence of a metronome.’

Met deze wetenschap in het achterhoofd en nadat ik Armantrouts vers had gelezen, begreep ik Massey maar al te goed: Object is een raak eigentijds gedicht dat voldoet aan alle imagistische regels. Het is bovendien typisch Rae Armantrout: de naast elkaar geplaatste, door een liggend streepje gescheiden strofes laten telkens een iets ander licht over het onderwerp schijnen, waardoor het geheel rijk wordt bedeeld met betekenissen en wint aan complexiteit. Armantrout laat ons door een prisma naar facetten van de wereld kijken.

En hoe vaker ik dit gedicht lees, hoe beter het wordt. Object heeft een hoog zo-is-het gehalte. Het is een spetterend vers. In een eerste vertaling:

OBJECT

Met statige gang
toert deze stoet
belletjes
langs de binnenrand
van het kopje.

‘Levende systemen
schikken zich
naar een setje
opgelegde beperkingen’

Zoals onze gast
eerder over deze
gijzelingszaak zei

Geloofssystemen
zijn parodieën.

Glazen lampenvoet
in de vorm
van een hasjiesjpijp
in een luxehotel
in Berkeley.


Objecten
die zichzelf determineren
als hype

versus die die dat niet doen.

De populier,
rank en lichtgekleurd,
is per ongeluk
in zijn huidige vorm
geraakt

D1872255-F6CC-4651-BF31-35E33ED79F49
Populieren aan de Epte, Claude Monet, 1891