Cashen

Het zou me niet verbazen als Kenneth Goldsmiths Seven American Deaths and Disasters (powerHouse Books, 2013) een bestseller wordt, ook gekocht door mensen die niks op hebben met poëzie. Ik vraag me af wie begrijpt dat dit poëzie is: transcripties van radio- en tv-programma’s waarin live verslag wordt gedaan van de moorden op John F. Kennedy, Robert F. Kennedy en John Lennon, het ongeluk met de Space Shuttle Challenger, de aanslagen op Columbine High School en World Trade Center, en de dood van Michael Jackson. Door en door Amerikaanse tragiek in een handzame, 176 pagina’s dikke pocket voor nog geen twintig dollar. Als verse broodjes over de toonbank wellicht.

Ik ben halverwege gestopt met lezen. De verrassing van Goldsmiths concept is er bij mij wel af. Vanessa Place zei onlangs al: ‘Kenneth Goldsmith [is now] a part of poetry history.’ Bovendien stoorde ik me aan het idee, terecht of onterecht, dat hij met deze bundel ordinair aan het cashen is. Voorheen plaatste Goldsmith het alledaagse in een andere context, waardoor het zichtbaar werd, zich ging onderscheiden. Dat heeft bij het onalledaagse geen enkele zin. Wat ongewoon, abnormaal, bizar is, herken je direct. Daar heb je geen transcriptie voor nodig. Alan Davies: ‘A concept is a structural device – only. / It takes rather more than that to make a habitable space.’

(Dit bericht verscheen eerder, op 03-05-2013, op 1hundred1.tumblr.com.)