Gedicht James Schuyler

James Marcus Schuyler (1923-1991) was kort W.H. Audens secretaris, ging regelmatig op stap met John Ashbery & Frank O’Hara en won in 1980 de Pulitzer Prize voor poëzie. Geen idee of hij Hollandse voorouders had. John Latta vond onlangs twee nog niet eerder gepubliceerde gedichten van Schuyler, waar ‘Sooner or Later’ (augustus 1973) er eentje van is.

VROEG OF LAAT

Het loopt tegen de avond.
Mijn kamer is warm.

De ochtend was heerlijk.
Mijn kamer was koel.

Een kardinaal zit op een rozenstruik.
Roder dan de roos.

Een jongeman leest op het grasveld.
Zijn drankje is koel.

Naast hem een boxer
hijgend in de zon.

De zon die naar het westen koerst
roert mijn gezicht.

Gisteren regende het.
‘Een fijne dag om te werken.’

De dag gaat voorbij en
de avond daalt.

Avonden gaan voorbij
en ochtenden breken aan.

Alles wat ik hoop is
een goede nacht slaap

en grootse dagen.

James Schuyler
Vertaling Ton van ’t Hof

Tot aan de laatste twee strofes heb ik eerder het idee dat ik een kennisgeving lees dan een vers, een mededeling die op vormelijke wijze kond doet van iets als het aaneenrijgen van de hondsdagen. In korte slagen wordt een contrastrijk beeld opgebouwd en een spanning die zich vroeg of laat moet ontladen: waar wil dit gedicht heen? In de afsluitende zin wordt met de ‘hoop’ plotsklaps een hoge lyrische versnelling ingeschakeld. Ik kan me het verlangen van de ik-figuur naar voldoende nachtrust nog indenken, maar ‘grootse dagen’ … WTF? Mijn sluis is volledig opengezet.

(Dit bericht verscheen eerder, op 05-08-2012, op 1hundred1.blogspot.nl.)