Begonnen aan Bundels van het nieuwe millennium. Nederlandse en Vlaamse poëzie in de 21e eeuw, dat onlangs onder redactie van Jeroen Dera & Carl De Strycker bij de combinatie Vantilt|PoëzieCentrum verscheen. ‘Dit boek presenteert 26 essays over evenzoveel poëziebundels, die allemaal een opvallende plek opeisen in de recente literatuurgeschiedenis of een scharnierpunt betekenen in het oeuvre van hun maker.’

In hun inleiding betogen Dera & De Strycker dat poëzie zowel in het veld als daarbuiten ‘volop in leven’ is. Zij doen dat mede op basis van recent onderzoek van Kila van der Starre, waaruit blijkt dat ‘liefst 97 procent van de Nederlanders van achttien jaar en ouder wel eens in aanraking komt met poëzie’ en dat ‘bijna zeven procent een frequente lezer [is] (minimaal één keer per maand)’. Zeven procent komt overeen met circa 900.000 volwassenen in Nederland.

Daar staan deze verkoopcijfers tegenover: ‘poëzie betreft slechts een verwaarloosbare 0,25 procent van de totale boekverkoop in Vlaanderen en 0,38 in Nederland.’ Voor 2017 betekent dit dat er in Vlaanderen 35.000 poëziebundels zijn verkocht en in Nederland bijna 156.000.

Bemoedigende cijfers? Ze vallen me beslist niet tegen.

Dan nog iets over de selectie van de 26 bundels, die door Dera & De Strycker in de inleiding wordt gepresenteerd als een persoonlijke keuze: ‘Uit de honderden poëziepublicaties die sinds 2000 verschenen, hadden we evengoed andere bundels kunnen kiezen en als de redactie van dit boek in andere handen gelegen had, was dat ongetwijfeld ook gebeurd.’ Dit wordt onderstreept door het feit dat slechts drie van de 26 bundels de belangrijkste jaarlijkse poëzieprijs – de VSB Poëzieprijs – toegekend hebben gekregen. 

Wel had ik graag wat meer vernomen over het keuzeproces: hoe is deze selectie nu precies tot stand gekomen? Dera & De Strycker geven slechts aan wát ze hebben gekozen: bundels die in hun ogen ‘een scharnierpunt betekenen in het oeuvre van de dichter, een gezichtsbepalende rol speelden in (al dan niet academische) discussies over hedendaagse poëzie, succesvol waren bij literaire jury’s of in de poëziekritiek, of opvielen door een bijzondere omgang met het medium van de poëziebundel.’

Hebben Dera & De Strycker met gedetailleerde of globale criteria gewerkt? Zijn alle bundels gezamenlijk besproken of is er op andere wijze een voorselectie gemaakt? Enzovoort, enzovoort. Nu komt de keuze toch te vrijblijvend op me over. Hetgeen niet wegneemt dat ik nieuwsgierig ben naar wat deze ‘staalkaart’ (bonte verzameling) van de Nederlandstalige poëzie in de 21e eeuw me nog meer te vertellen heeft.

60646994-F635-4242-977C-F98303639AC5

Vanochtend om 5 uur naar beneden gestommeld voor een Zantacje en een paracetamolletje. De witte wijn had gisteren uitstekend gesmaakt, maar de twee afsluitende grappa’s waren aangekomen als mokerslagen.

Ik was rond lunchtijd met de trein in Amsterdam gearriveerd, waar Tim op een vega bowl bij SLA in de Utrechtsestraat trakteerde. Daarna boeken gekocht bij Scheltema: De genialiteit van vogels van Jennifer Ackerman, Hij schreef te weinig boeken van Herman Brusselmans, Bundels van het nieuwe millennium. Nederlandse en Vlaamse poëzie in de 21e eeuw onder redactie van Jeroen Dera & Carl De Strycker en Hoe Hollands wil je het hebben van Bas Heijne. De genadeloze zon joeg ons vervolgens Café de Jaren in, waar we een tafeltje aan het open raam vonden. Tegen vieren schoven Gert de Jager, Nanne Nauta en Mark van der Schaaf ook aan.

Nadat we waren bijgepraat over onze oudemannenkwalen hebben we de literaire wereld binnenstebuiten gekeerd. Ondertussen naar La Storia della Vita aan de Weteringschans verhuisd voor een klassiek Italiaans diner. Gert verklapte dat hij níet aan een roman werkte, nooit aan een roman heeft gewerkt en ook niet van plan is om dat in de toekomst te gaan doen. Ook had geen van ons de laatste bundel van Nachoem M. Wijnberg gelezen. Van de programmering van Perdu begrepen we geen snars meer. Enzovoorts. In jolige stemming om middernacht terug in Leeuwarden.

Vanuit de trein zag ik op de heenweg grote delen van de Oostvaardersplassen diep geel kleuren, oorzaak: bloeiend jacobskruiskruid. Ik voelde me afgebluft.

99175B6B-4C81-4B72-B58A-1E1731060BF5
Oostvaardersplassen, 2018 © Ton van ’t Hof