‘Roy maakte als kind al een bromfietsgeluid dus je wist welke kant-ie op zou gaan.’—de moeder van automonteur Roy in Ik vertrek gisteravond

Dat uittenue van PSV: V E R S C H R I K K U L U K ! ! !

At vanochtend een schaaltje sojayoghurt met aardbeien: 11 g koolhydraten. Luisterde onderwijl naar etno dub van de Franse band Saadji. Las in Ad ten Bosch’s De IJssel stroomt feller dan de Amstel. Herinneringen van een boekverkoper, uitgever en schrijver: Ad over Jeroen Brouwers:

‘Soms laat iemand een kant zien die de kijk op hem onherstelbaar verandert. Hoed u voor de zelfbenoemde moraalridder.’

Vond na vier uur zoeken wat voordien voor me verborgen was: dat een oudoom van een van mijn grootvaders zichzelf tijdens zijn eerste huwelijk Willem Hendriks Sloots had genoemd en gedurende zijn tweede Willem Alofs Schut. Nee, nog geen idee waarom. Een genealoog grossiert in raadsels.

‘s Middags in de Prinsentuin naar blues geluisterd, over Willem de Kooning gekletst en via nu.nl de verrichtingen van Max Verstappen gevolgd. Twee koffie (!) gedronken.

Gisteravond met goede vrienden bourgondisch getafeld en diep in het glaasje gekeken.

Heute bis drei im Garten gearbeitet. Onze druif heeft weer iets lelijks te pakken. Lijkt me geen galmijt dit keer. Daar moet ik van de week dus wat aan doen.

Will, de oudere broer van pa, gaat achteruit. Hij heeft moeite om de dood van mijn vader te verwerken. Ook is, met de inname van zijn rijbewijs onlangs, zijn mobiliteit verder afgenomen. En zo ebt druppelsgewijs de joie de vivre weg. Ik moet hem binnenkort eens opzoeken.

Jeroen Brouwers—Mijn Vlaamse jaren. ‘Soms kuch ik wel eens, maar geen mens die ervan opkijkt.’

Het is bloedheet. De poezen liggen uitgeteld in de schaduw op het vaalgele grind. Ergens dreunt een basgitaar. Het hondje—geen idee van wie—is gestopt met janken. De rosé hangt in het glas. Ik staar in de blauwe ruimte, een open einde tegemoet.

Overvliegende watten, net geen mist. Achttien graden; een verademing na de hitte van de voorbije dagen. Hanengekraai, fluitende vogels. Tussen de huizen hangt een geur van koeiendrek. Linksaf de Feartswei in en langs De Fytsdokter richting de Zwagermieden. Een boer die gras maait, dan weer een veld vol klaprozen en korenbloemen. Een vrouw van mijn leeftijd die probeert te joggen. Dit is een wandeling die het beste uit je zintuigen naar boven haalt.

Nam gisteren nog enkele oude foto’s van ma mee, voor het familiearchief. Op de foto hieronder, die rond 1948 is genomen, staat mijn moeder (eerste van links) met zeven van haar acht broers en zussen. Marjo, de jongste van het kroost, werd pas in 1949 geboren. Geert (met bril) en Harm (uiterst rechts) zijn inmiddels overleden. Vermoedelijk is dit kiekje genomen in de Botstraat, Eindhoven. En goh, wat blijf een mens toch zijn hele leven op zichzelf lijken; ik herken ze allemaal!

Ons familiearchief bestaat uit een digitaal deel (Gramps, MyHeritage & blogposts) en een fysiek deel (boeken, documenten, paperassen, foto’s etc.) Het fysieke deel moet worden gedigitaliseerd en opgeborgen, maar ligt momenteel in ordeloze stapels rond mijn bureau. Chaos, waar ik even doorheen moet, zeg maar.

‘Leuk hè,’ zeg ik.
‘Neukè?’ vraagt Hennie verbaasd.

Jeroen Brouwers—Mijn Vlaamse jaren (1978). ‘Literatuur is een kanker, wie is aangetast zal niet genezen.’

Vanochtend stuk voor G. afgemaakt: een tot readymade verheven chat van bijna 1500 woorden. Morgen nóg een keer doorlezen, eventueel nog iets verbeteren en dan opsturen. Dik tevreden.

Geluncht: zelfgemaakte tonijnsalade met appel.

Boeken gekocht bij Van der Velde: Engelenplaque. Notities van alledag 1966-2003 van A.F.Th. van der Heijden en Brieven uit Genua van Ilja Leonard Pfeijffer.

Een Rochefort 10 gedronken op het terras van Kelder 65.

Foto’s (die ik gisteren tijdens onze fietstocht nam) geselecteerd (op twee na allemaal weggegooid) & bewerkt. 

Feedreader doorgenomen en een aantekening gemaakt:

‘De wereld is gewelddadig en veranderlijk – hij doet wat hij wil. Alleen liefde kan ons redden – liefde voor elkander en de liefde die we in kunst stoppen: als ouder; als schrijver; als schilder; als makker. We leven in een aldoor brandend gebouw, waaruit we steeds weer de liefde zullen moeten redden.’ – Tennessee Williams

In De laatste deur van Jeroen Brouwers zitten lezen:

‘Een van de mooiste en opzienbarendste zelfmoorden uit de Griekse oudheid is die van Empedocles van Agrigentum, die vijf eeuwen voor Christus heeft geleefd. Op zekere dag gevoelde deze wijsgeer-dichter geen lust meer in het bestaan en wierp zich in de Etna, – net als, veel later, met een andere bedoeling, de baron Von Münchhausen zou doen.’

Ik heb de tempels van Agrigentum (Agrigento) gezien, met eigen ogen, zeven op een rij, aan de zuidkust van Sicilië. Dat moet eind jaren tachtig zijn geweest en ik was diep, weet ik nog, diep onder de indruk. Als een heerser heb ik uitgekeken over de azuurblauwe zee.

Diner bereid: sambal goreng kool, Madoerese kip, belado van eieren, maïskoekjes, lalab van tomaat, pandanrijst (volkoren).

F7AC1D21-9AA5-4FD8-A38D-EC390E584477
Uitzicht op Wergea, 2018 © Ton van ’t Hof

Blijf maar klooien met de naam van dit blog. Heb nu gekozen voor Groetjes uit Ljouwert, in navolging van Jeroen Brouwers’ nouveau journal – ik jat ook werkelijk alles – Groetjes uit Brussel (Manteau, 1969). Ondertitel: schrijversdagboek, want dat is uiteindelijk toch wat het is.

Het is me vaker overkomen: dat ik na publicatie van een nieuwe bundel poëzie de poëzie even niet kan uitstaan. Zo nu ook. Sinds Dichter & andere dingen begin oktober verscheen boezemde elk gedicht dat ik onder ogen kreeg me afkeer in. Blijkbaar de wijze waarop ik me van mijn geesteskinderen ontdoe. Maar er is verandering op komst: de Poëziekrant die vandaag op de deurmat viel werd niet, zoals het vorige exemplaar, linea recta in de prullenbak gedeponeerd. Dit nummer ga ik weer lezen.

Nog wat geschetst – het was heerlijk weer – vanmiddag, vlakbij huis. Het schuitje met graafmachine verdween echter al na een kwartiertje uit zicht, waardoor ik ter voltooiing uit mijn geheugen moest putten.

0BA165AD-53E4-4E08-82D0-FA1743230B93
Blokhuisplein, Leeuwarden, 2018 © Ton van ’t Hof