Paarden & speculatie: Over Pieter Johannes Brandsma

Een Friese familiegeschiedenis (5)

Hennie’s pake (opa) aan vaders kant, Pieter Johannes Brandsma, staat binnen de familie bekend als ‘een hele aardige kerel’. Hij werd in 1877 in Winsum, Friesland, geboren en daar ook weer, 85 jaar later, ter aarde besteld. Er lopen nog maar weinig mensen rond die hem bij leven gekend hebben. Hennie was zeven maanden oud toen hij in 1962 ‘na een geduldig gedragen lijden’ stierf.

img_1073
Hervormde Kerk in Winsum, Friesland, waarnaast Pieter Johannes Brandsma en zijn tweede vrouw Hinke Vellinga begraven liggen

Twee zaken in het familieverhaal over pake Brandsma hebben me altijd geïnteresseerd: hij zou (1) in paarden hebben gehandeld en (2) door speculatie een vermogen hebben opgebouwd, dat na de beurskrach in 1929 grotendeels weer verdampte. Tijdens mijn onderzoek ben ik op feiten gestuit die het vertelde in zekere mate schragen.

Pake Brandsma kwam uit een armelijk gezin met zeven kinderen. Hij was vier toen zijn moeder onverwachts overleed. Zijn vader, Johannes Jelles Brandsma, hertrouwde daarna nog tweemaal. De eerste dertig jaar van zijn leven bracht pake in Winsum en omliggende dorpen door. In die periode oefende hij verschillende beroepen uit, waaronder voermansknecht en bierbottelaarsknecht. Toen hij in 1902 met Klara Sytses Wassenaar uit Oosterlittens trouwde, gaf hij aan als koopman de kost te verdienen. Mogelijk zat hij toen al in de veehandel; volgens een gemeentelijk schrijven ging hij in 1908 als veekoopman door het leven. Nog weer later noemde hij zich veehouder.

Gezien de familiegeschiedenis van de Brandsma’s, waarin voor zover ik weet geen andere veekoopmannen of veehouders voorkomen, mag pake’s beroepskeuze opmerkelijk worden genoemd. Wellicht zat het handelen hem in het bloed en was het vee slechts lijdend voorwerp. Ook zijn vader is enige tijd koopman geweest, doch met weinig succes, want die eindigde als voerman.

Op de vraag of paarden ook tot vee moeten worden gerekend, wordt verschillend geantwoord. Maar zeker is, dat er mensen zijn die dat doen. We kunnen niet uitsluiten dat ook pake dat deed en als veekoopman in paarden handelde. Ze waren hem bovendien niet vreemd: zijn vader mende als voerman immers paarden en in zijn jeugd had hij als voermansknecht zelf een poosje op de bok gezeten. Er is één foto in ons bezit waarop pake met een paard is afgebeeld:

img_1131
Pieter Johannes Brandsma met paard en wagen, ca. 1930

Twee jaar na hun huwelijk, in tussentijd was zoon Johannes Pieters geboren, kochten pake en zijn eerste vrouw Klara een huis met erf in Huins voor fl 990. In de jaren erna werden leningen afgesloten om extra land te verwerven. In 1908 verkochten ze hun boeltje voor fl 2350 en verhuisden naar de Stienserweg in Leeuwarden.

img_1111
Stienserweg, Leeuwarden, ca. 1910

Het moet pake Pieter en Klara in deze jaren voor de wind zijn gegaan. De kredietwaardigheid was groot genoeg om opnieuw een huis, erf en grond aan te schaffen en even later een obligatielening van fl 3000 af te sluiten. Mogelijk werd voor dit bedrag vee of land gekocht. Toen sloeg het noodlot toe: in 1913 kwam Klara plotseling te overlijden, volgens overlevering ten gevolge van ‘iets wat op een griepje leek’. Dat moet een klap zijn geweest.

Alleen met zijn tienjarige zoon achtergebleven nam pake een huishoudster in dienst, met wie hij in januari 1916 trouwde: Hinke Vellinga uit IJlst. Naar deze beppe (oma) zou Hennie worden vernoemd. Nog geen zes maanden later werd hun eerste zoon, Lolle, geboren. Ook betrokken ze rond deze tijd een nieuwe woning aan de Groningerstraatweg in Leeuwarden. Daar kregen ze nog een zoon en een dochter: Jelle Johannes, Hennie’s heit (vader), en Trijntje, die later naar Canada zou emigreren.

img_1076
In het midden poseert Johannes, pake’s zoon uit zijn eerste huwelijk. Daarachter zien we beppe Hinke met Trijntje en pake zelf. Op de voorgrond zitten Jelle (links) en Lolle. Ca. 1921

Tussen 1915 en 1922 handelde pake naast vee ook met grote regelmaat in vastgoed en grond. Over eventuele transacties na 1922 vind ik online geen informatie. Het lijkt erop dat nog niet alle Friese notariële archieven van voor de Tweede Wereldoorlog zijn geopenbaard. Johannes, pake’s zoon uit zijn eerste huwelijk, ontving in 1917 een erfenis van een familielid van zijn overleden moeder. Wat hem precies werd nagelaten is vooralsnog onbekend. Wel vraag ik me naar aanleiding hiervan af of pake’s eerste vrouw, Klara, wellicht geld meenam toen ze trouwden, waarmee de eerste aankopen in onroerend goed konden worden gefinancierd. Enfin.

Of pake ook speculeerde, durf ik niet te zeggen. Aan vastgoedtransacties kleven over het algemeen minder grote risico’s dan aan, bijvoorbeeld, de handel in aandelen. Hoewel er behoorlijke bedragen mee waren gemoeid, zijn er geen bewijzen dat hij een fortuintje met zijn koopmansgeest vergaarde. Dat blijft voorlopig een mooi familieverhaal, inclusief de teloorgang in de crisisjaren.

Over de tweede helft van pake’s leven is gek genoeg niet zo heel veel bekend. Het gezin werd in 1921 door het ongeluk getroffen toen zoon Johannes na een kort ziekbed op 19-jarige leeftijd overleed. Het is onduidelijk waaraan. In 1934 volgde nog een verhuizing naar de Mr. P.J. Troelstraweg in Leeuwarden.

img_1116
Mr. P.J. Troelstraweg in Leeuwarden, ca. 1935

Na de oorlog werd van de oude dag genoten, tot het tijd was voor pake om in 1962 naar de hemel te gaan. Hoewel hij het grootste deel van zijn leven in Leeuwarden had doorgebracht, liet hij zich in zijn geboortedorp Winsum begraven. Blijkbaar was er altijd een sterke band met zijn geboortegrond blijven bestaan. Beppe Hinke zou enkele jaren later in hetzelfde graf worden bijgezet.

img_1132
Pake Pieter en beppe Hinke Brandsma, ca. 1955
img_1074
Op het kerkhof van de Hervormde Kerk in Winsum

Toeval

Een Friese familiegeschiedenis (1)

Een jaar of tien geleden heb ik me kort verdiept in onze familiegeschiedenissen, die van Hennie en die van mij. Een nieuwe job, die me volledig in beslag nam, maakte toen een einde aan de genealogische studie. Wel nam ik me voor om die te zijner tijd weer op te pakken.

Eergisteren brak plotseling de genealogische koorts uit. Niets gevoeld, niets aan zien komen. Maar voordat ik het wist zat ik met mijn neus in allerlei archivalische websites en maakte een MyHeritage account aan. Wat overigens niet zonder financiële gevolgen bleef: € 40 uitgegeven aan een jaarabonnement op CBG Verzamelingen en € 142,25 aan een jaarabonnement (‘u heeft nu volledige toegang tot alle functies’) op MyHeritage. Geen goedkope opwelling. Maar dan heb je ook wat.

Op dit blog zal ik verslag van mijn zoektocht doen. Onder twee noemers: (1) Een Friese familiegeschiedenis, waarin ik de voorouders van Hennie belicht, en (2) Een Brabantse familiegeschiedenis, waarin die van mij aan bod komen.

Geld uitgeven gaat me goed af, maar van genealogisch onderzoek heb ik geen kaas gegeten. Ik begin dus gewoon maar.

Hennie’s moeder, Tietje, geboren Zijlstra, is tweemaal getrouwd geweest. Haar eerste man, Hessel Fokkema, overleed op 33-jarige leeftijd aan MS. Met Hessel kreeg Tietje drie kinderen: Sjoukje, Taeke en Dirk. Haar tweede huwelijk, met Jelle Johannes Brandsma, bracht vijf kinderen voort: Pieter, Sjoukje, Roelof Jan, Hinke Trijntje (Hennie) en Marcel Adriaan.

Alle kinderen uit Tietjes eerste huwelijk zijn overleden. Sjoukje viel op tweejarige leeftijd in een wasketel vol water dat net van de kook af was en verscheidde kort daarna. Taeke verdronk zichzelf op 36-jarige leeftijd. En Dirk stierf in 2009, 62 jaar oud, aan de gevolgen van prostaatkanker. Het kan verkeren. Geen gelukkig gezin.

img_0835
Links Hennie van ’t Hof-Brandsma, rechts Dirk Fokkema, 2008

Van deze drie kinderen heb ik alleen Dirk gekend, een joviale langeafstandsloper waar je een goed glas mee kon drinken. Hij was getrouwd met Gerrie, die ons in 2010 ontviel. Ze hadden geen kinderen.

Op al deze mensen kom ik nog terug. Maar wat me direct opviel waren de sterfdatum van Hessel en de geboorte- en sterfdatum van zijn zoon Dirk: driemaal 14 oktober. Toeval? Of wilde Hessel nog per se de verjaardag van zijn zoontje meemaken? En wist hij de dood wellicht tot op die dag, waarop Dirk twee werd, uit te stellen? Je hoort dat soort verhalen wel vaker. En wie weet wat voor wilskracht Dirk wel niet had. Ik kan me zo voorstellen dat 14 oktober toch een soort van baken voor hem was, waar hij op afkoerste.

Aan de andere kant: er doet een familieverhaal de ronde waarin niet Hessel, maar een andere man Dirks vader is. Een verhaal dat ik voor later bewaar.