Onverwachte boodschap

Ik herinner me nog maar flarden van de onverwachte boodschap gisteren. Het woord ‘leukemie’ viel, waaraan werd toegevoegd dat het ‘voorlopig nog niet hoeft te worden behandeld,’ pas als het erger wordt of zoiets. Ook pikte ik nog een termijn op: ‘dat kan wel dertig jaar duren.’ Toen Hennie later vroeg welke variant ik heb, moest ik het antwoord schuldig blijven. Op basis van wat googelen veronderstel ik nu een chronische variant. ‘Net als Herman Finkers!’ riep iemand. In Na de pauze (Thomas Rap, 2009) haalt Finkers zijn, voor mij herkenbare, slecht-nieuws-gesprek aan:

‘Tja, nou wel … Het is bloedkanker, maar … een milde vorm.’
‘O gelukkig, dus je gaat er niet dood aan.’
‘Jawel, je gaat er wel dood aan.’
‘… Jawel, jawel. Maar het heeft een goede kans op genezing.’
‘Nee, het is ongeneeslijk.’
‘Eh … ja, ja … het is ongeneeslijk én je gaat er dood aan.’
‘… Ja.’
‘… als het maar mild is …!’
Jawel, dat was het wel, het was wel mild.
‘O, gelukkig … ik schrok al … maar dokter, als ik vragen mag, wat is er dan eigenlijk zo mild aan?’
‘Het kan nog wel een hele tijd duren voordat het zover is.’
‘O, dus ik haal mijn pensioen wel …’
Nou, ja, dat was nou ook weer niet de bedoeling …

(Dit bericht verscheen eerder, op 26-06-2014, op 1hundred1.tumblr.com.)