Twee- en driesprongen

De wereld als het rijk der mogelijkheden. Telkens weer. Op elk moment. Dat voelt goed. Dat opent perspectieven. In het ontdekken van reële mogelijkheden, maken van keuzes en daadwerkelijk handelen word ik mens.

Of onmens.

Ik voel me geroepen om te reageren op de wereld waarin ik geworpen ben. Aan mijn handelen gaat mijn ervaring van de wereld vooraf, mijn waarneming van het geheel der omstandigheden, een innerlijke activiteit die is gericht op dat wat buiten mij is. Maar in de uiteindelijke bepaling van mijn handelen speelt ook mijn karakter een rol. Gerard Heymans omschrijft in zijn Inleiding in de metaphysica (Wereldbibliotheek, 3de druk, 1933) het karakter als volgt: ‘de verhouding tusschen de wel en de niet op eigen belang gerichte neigingen van ’t individu’, dat behoort ‘tot z’n eigenste wezen’ en ‘met ’t volste recht aan de beoordeling van ’t individu ten grondslag [mag] worden gelegd.’

In besef van het bovenstaande en van mijn beperktheden kom ik voortdurend twee- en driesprongen tegen: ik moet kiezen. En neem een beslissing. Waarbij ik mijn denken vertrouw en niet wantrouw, het verschil tussen goed en kwaad als essentieel beschouw en niet als ingebeeld, en mijn handelen richt op deze wereld en niet op het hiernamaals. Geen garantie voor, achteraf gezien, wijze besluiten.

In dit verband denk ik steeds vaker na over de oplossing van de mondiale problematiek op menselijk en milieu gebied en de rol die het collectieve belang in mijn persoonlijke overwegingen zou moeten spelen.

Mens of onmens?

In mijn denken heeft zich de afgelopen jaren een ommezwaai voorgedaan van een wereldbeschouwing waarin ik centraal sta naar een reflectie waarin de wereld en de ander centraal staan. Daar ook naar handelen is niet altijd een eenvoudige opgave.

In Een lijn is een vore onderzoek in niet alleen mijn ervaring van de wereld maar ook die van anderen. Vis ik naar hoe anderen in het geheel der omstandigheden hebben gehandeld. Tracht ik het in potentie aanwezige te ontrafelen. Vraag ik me af hoe ik met alle mysteries, onzekerheden en eigen twijfel moet omgaan.

06.060

Nagaan wat men doet of als goed vermeent
is, op jouw leeftijd, niet gek. Want,
zegt hij, gehoor geven aan de wereld is een voorrecht
van de jeugd. Jij moet reageren,
proeve met onvoorspelbaar resultaat.
De over het algemeen slechte levensomstandigheden
van de veenkolonialen maken dat dezen
zoo nu en dan in verzet komen en sabotage plegen
door dammen en dijken door te steken;
de quaatwillige arbeyder, ingesetene
van Hoogersmilde, steekt dammen en dijken door.

Ton van ’t Hof

(Dit bericht verscheen eerder, op 10-07-2011, op 1hundred1.blogspot.nl.)