‘Het heeft geen zin om in m’n eentje een goed leven te leiden als de rest dat niet kan,’ zei een oude wijze Nubiër gisteravond op tv.

Na een lange ochtend tuin behoefte aan een break. Rond twee op de fiets geklommen en naar Wyns gestoempt voor thee, een pannenkoek (Hennie), een glas bier & bitterballen (ik).

Was, later, slechts bij vlagen onder de indruk van Divya Victors veelgeprezen Kith (2017); dit gedicht vond/vind ik evenwel een pareltje:

& ze vingen zó veel vis dat hun netten begonnen te scheuren
& ze schreeuwden om hulp naar anderen in andere boten
& die anderen sprongen de anderen dus bij
& de boten raakten zó zwaar beladen dat ze begonnen te zinken
& de boten begonnen te zinken alsook de vis

Ruimde de boekenkast beneden op (waarin o.a. al mijn poëziebundels staan).

In Wit-Rusland kunnen gepensioneerden, zo las ik in Arthur Chichesters The Burning Edge: Travels through Irradiated Belarus (2018), een klein bedrag per maand verdienen (circa $ 40) met het schoonhouden van een stukje openbare ruimte. Volgens Chichester moet Wit-Rusland wel het schoonste land ter wereld zijn, waar elke ochtend een in oranje hesjes gehuld leger van pensioentrekkers het land ontdoet van alle lege wodkaflessen en andere rotzooi. Ben er nog niet uit wat ik hier nu van vinden moet.

Wyns, 2019 © Ton van ’t Hof

Divya Victor liet een computer binnen één minuut meer dan 290.000 keer de zin ‘I will not make any more boring art.’ genereren en bundelde het resultaat, voorzien van een inleiding, in een ruim duizend pagina’s dikke pdf; een reusachtig conceptueel gedicht,

dat in 1971 niet op deze wijze geproduceerd had kunnen worden.

Victors gedicht is uit 2012 en heet Goodbye, John!, naar de Amerikaanse kunstenaar John Balderessi (1931), die in 1970 alle schilderijen verbrandde die hij tussen 1953 en 1966 had gemaakt. Een jaar later schreef rechtshandige Balderessi met zijn linkerhand 27 keer ‘I will not make any more boring art.’ op een stuk papier en maakte daar, als kunstwerk, een video van.

Opstandig gedrag. Een afzetten tegen de toentertijd dominante kunststromingen. Een vormexperiment. Een vraag ook, die hij anno 1971 aan zichzelf en zijn publiek stelde: Wat is thans nog interessante kunst?

Victor laat met haar gedicht zien dat Balderessi’s vraag ook vandaag de dag nog altijd actueel is.