In 1920 bracht de Amerikaanse houtmagnaat, kunstverzamelaar en filantroop Martin A. Ryerson een bod uit op dertig waterleliestudies van Claude Monet. Naar de redenen die ten grondslag lagen aan Monets afwijzing van het royale bod van circa $ 200.000 wordt gegist. In zijn boek ‘Waanzin en betovering’ (Bezige Bij, 2017) oppert Ross King dat Monets ‘antiamerikanisme’ een rol heeft gespeeld: ‘Wellicht wilde hij voorkomen dat er nog meer schilderijen van hem de Atlantische Oceaan overstaken om een plaats te vinden aan de wand van huizen en musea in de Verenigde Staten.’ Omgerekend naar nu (met behulp van de consumentenprijsindex) sloeg Monet een som van bijna 2,5 miljoen dollar af.

Waterlelies, Claude Monet, 1916

De goederentrein

Ik kijk niet graag naar industrieterreinen, vind ze lelijk en probeer ze tijdens uitstapjes zoveel mogelijk te vermijden. Terwijl ik Claude Monets ‘De goederentrein’ bestudeer, realiseer ik me hoezeer mijn gevoelen over industriële landschappen gekleurd is door schade die fabrieken aan onze leefomgeving hebben toegebracht. Want laat ik wel wezen, ‘De goederentrein’ is een meesterlijke tintelende schikking van lijnen, vlakken en kleuren, naar dat industrieterrein kijk ik wél graag.

‘De goederentrein’, Claude Monet, 1872, 48 x 75 cm, Pola Museum of Art, Japan
Monet maakte het in 1872 in de buurt van Rouen. Net na de Frans-Duitse oorlog (1870-1871) namen de Franse industrie, bevolking en welvaart in korte periode snel toe. Het vooruitgangsdenken werd alom omarmd, over de uitstoot en lozing van giftige stoffen was nog maar weinig bekend. Fabrieken leken voor velen de sleutel tot een nieuwe en betere toekomst. Monet zag door zijn eigen bril de rokende schoorstenen.

Industrie in de omgeving van Rouen, eind 19e eeuw
Desondanks is het opvallend dat Monet maar enkele industriële landschappen heeft nagelaten. Het genre moet vanuit esthetisch of ander oogpunt toch niet zijn voorkeur hebben gehad. In Monet at Argenteuil (Yale University Press, 1982) suggereert kenner Paul Hayes Tucker zelfs dat Monet deze werken louter voor ‘de markt’ maakte: er was vraag naar dit onderwerp en de schilderijen werden dan ook snel verkocht. Maar geld was kennelijk niet Monets enige drijfveer.

Voor George Oppen vormde de ervaring een belangrijke grondslag van zijn poëzie, zijn eigen ervaring. Wat hij schreef moest doorleefd zijn. Dat leverde poëzie op met een hoog realiteitsgehalte.

Het zicht was voor Claude Monet de basis van zijn schilderkunst. Alles wat hij schilderde had hij, meestal en plein air, met eigen ogen gezien. Dat leverde schilderijen op met een hoog realiteitsgehalte.

Ik ben dol op beiden. Draag ze al heel lang bij me. Twee van mijn helden. En dat kan ten dele worden toegeschreven aan dat hoge realiteitsgehalte van hun kunst. Bij Oppen vooral in combinatie met de aanwending van poëzie als stimulus van zijn denkproces, en bij Monet in samenspel met zijn fenomenale kleurgebruik en losse toets.

Claude Monet had geen behoefte aan gedachten achter een schilderij: hij schilderde naar de natuur, construeerde zijn voorstellingen niet, maar legde en plein air vast wat het oog zag.

Na de vroege dood van zijn echtgenote Camille in september 1879 vluchtte een verdrietige Monet in zijn werk. Hij woonde op dat moment met zijn kinderen in het dorp Vétheuil, dat zo’n zestig kilometer ten noordwesten van Parijs aan de Seine ligt. De winter die volgde was steenkoud en duurde lang. Monet maakte een reeks winterlandschappen, waarvoor hij ‘Siberische temperaturen’ moest trotseren. Voor onderstaand schilderij zette hij zijn ezel midden op de bevroren Seine neer.

‘Gezicht op Vétheuil, winter’, Claude Monet, 1879-1880, 60 x 91 cm, privécollectie
Toen Monet weer eens in geldnood zat, bood hij dit werk aan ene Faure te koop aan. Die antwoordde: ‘Mijn beste Monet, ik zou u er nog geen 50 francs voor betalen. Kijk, het is een stuk canvas waarop u wat wit heeft gesmeerd! U kunt niet serieus zijn!’

Uiteindelijk sleet Monet het aan iemand anders. Jaren later en inmiddels gefortuneerd was Monet in de gelegenheid om het schilderij terug te kopen. Toen Faure hem weer eens opzocht en het doek zag riep hij: ‘O! Wat is dat goed! Wilt u het me verkopen?’ Waarop Monet zei: ‘Ik heb het u al eens eerder aangeboden, en toen wilde u me er nog geen 50 francs voor geven.’ ‘Dat is onmogelijk,’ sprak Faure beteuterd, ‘dat moet een ander zijn geweest. Wilt u er 600 francs voor hebben?’ ‘Nog geen 6000,’ reageerde Monet, ‘ik bewaar het.’

Vétheuil, ca. 1950
(Gebruikte bron: De nieuwe bril van Monet: Anekdotes over de Franse impressionisten en hun tijdgenoten, Antoon Erftemeijer, Becht, 2002.)

Meer blogberichten over Monet: Posts tagged Claude Monet.

‘Zonder verftubes zouden er geen Cézanne, Monet, Sisley of Pissarro zijn geweest, niets van wat de journalisten later het impressionisme gingen noemen,’ stelde Renoir ooit. Zo lees ik in Antoon Erftemeijers De nieuwe bril van Monet: Anekdotes over de Franse impressionisten en hun tijdgenoten (Becht, 2002). En ben er even stil van.

Renoir wijst hier op de mogelijkheid die de vinding ‘metalen verftube’ rond 1850 schiep: buiten schilderen. Dankzij de tube droogde de verf niet op, kon je die kant en klaar-en-klaar meenemen. Het bos of veld in.

Zo belangrijk kan een ogenschijnlijk klein dingetje zijn. En wat me ook verrast: dat Pierre-Auguste Renoir (1841-1919) zich dit al realiseerde.

Claude Monet in zijn tuin in Giverny, ca. 1915
Voor zover ik weet bestaat er geen uitvoerige Engels- of Nederlandstalige biografie van Claude Monet, waarin zijn volledige leven is beschreven. Andere talen ben ik niet machtig, waardoor ik het moet doen met boeken waarin slechts facetten van zijn werk of leven aan bod komen.

Zo zoomt Monet at Giverny (uitgeverij Mathews Miller Dunbar, 1975) in op het 43-jarige verblijf van Monet in zijn geliefde huis in het dorp Giverny, dat 75 kilometer ten noordwesten van Parijs ligt. In dit familiealbum wordt Monets gezinsleven aan de hand van veel foto’s en wat tekst geopenbaard.

‘Misschien heb ik het wel aan de bloemen te danken dat ik schilder geworden ben,’ zei Monet in 1924, twee jaar voor zijn dood. Toen ik dit las, realiseerde ik me hoe belangrijk zijn tuin voor hem moet zijn geweest. Hij heeft er veertig jaar aan gewerkt en de bloemenperken en vijver talloze malen op doeken vastgelegd. Het huis en de tuin zijn nog niet zo heel lang geleden in hun oude glorie hersteld en voor het publiek opengesteld. Ga vooral kijken!

In het voorjaar van 1889 verbleef Claude Monet wekenlang in het dorpje Fresselines in het midden van Frankrijk. Hij raakte daar o.a. bevriend met de dichter Maurice Rollinat. Monet zou ruim twintig schilderijen van de ruige omgeving maken. Fresselines ligt tussen twee rivieren in, La Creuse en La Petite Creuse. Beide heeft hij meerdere malen afgebeeld.

Monet schilderde altijd buiten, direct naar de natuur. Hij wilde de sensatie van het moment te pakken krijgen. Als het weer snel veranderde werkte hij soms aan verschillende schilderijen tegelijkertijd. Als ik naar doeken van hem kijk dan kom ik telkens weer tot dezelfde conclusie: kleuren en kleurencombinaties moeten hem hebben gestreeld, geliefkoosd, alsof er engeltjes over zijn ogen piesten.

Naarmate Monet zich verder ontwikkelde, werd kleur steeds nadrukkelijk het onderwerp zelf. Dat wat het licht reflecteerde bleef van belang, maar werd steeds minder bij de compositie betrokken. Dit had ook tot gevolg dat hij traditionele ordeningsregels doorbrak. Zo kent het onderstaande schilderij, ‘Rapides sur la Petite Creuse à Fresselines’, geen klassiek centrum waarop alle aandacht is gericht, maar een klasseloze ordening van identieke elementen, waardoor patronen ontstaan die ook buiten het schilderij lijken door te lopen.

‘Rapides sur la Petite Creuse à Fresselines’, Claude Monet, 1889, 65.4 x 91.8 cm, Metropolitan, New York
We zien hier lente, voelen de frisheid van gesmolten sneeuw en ijs uit hogergelegen delen van het Centraal Massief.

Hieronder nog wat sfeerimpressies van toen en nu. Op de eerste foto aanschouwen we de grootste van de twee rivieren, La Creuse, en een deel van het dorpje Fresselines rond 1900. De tweede foto is recent genomen door een Google-autootje en geeft La Petite Creuse weer.

La Creuse nabij Fresselines, rond 1900
La Petite Creuse nabij Fresselines, rond 2015

19012017

~ Een goede vriend van mij is geboren in het stadje Fontainebleau, dat even ten zuiden van Parijs ligt. Zijn vader werkte als Nederlandse militair bij een NAVO-eenheid die daar toentertijd gelegerd was. Claude Monet heeft nog voor het uitbreken van de Frans-Duitse oorlog in 1870 regelmatig in de bosrijke omgeving van Fontainebleau geschilderd. Daar berichtte ik hier al eerder over.

img_1279
Topografische kaart van Fontainebleau en omgeving, editie P. Lacodre, 1895

Gisteren liep ik door het Bos van Ypey en zag daar licht Veronesegroen mos, een kleur die me aan schilderijen van Monet deed denken. Impressionisten waren dol op dit groen. Het synthetische pigment waarmee de verf wordt gekleurd is giftig en kende ook enige tijd een toepassing als insecticide.

96ea1f61-1ada-41e7-a041-910ad8e73294
Landschap 58, Bos van Ypey, Tytsjerk, 2017 © Ton van ’t Hof

Vanochtend ben ik op zoek gegaan naar het Veronesegroen in Monets oeuvre en vond al ras twee schilderijen, die hij in de jaren zestig van de 19e eeuw in de bossen rondom Fontainebleau schilderde en waarin het groene pigment mogelijk is verwerkt. We zien zandpaden en eikenbomen. Wat een pracht. Op het eerste schilderij lijkt de zomer net aangebroken en op het tweede is het alweer herfst. Van het pad op het tweede schilderij, dat naar het dorp Chailly loopt (zie ook topografische kaart hierboven), vond ik ook nog een foto van Gustave Le Gray, die hij omstreeks 1856 maakte.

art-monet.com
‘Route en fôret’, Claude Monet, 1864, 42,5 x 59,3 cm, privécollectie
Le Pavé de Chailly
‘Le pavé de Chailly’, Claude Monet, 1865, 42 x 59 cm, Musée d Orsay, Parijs
img_1277
‘Perspective du pavé de Chailly, autre ciel nuageux’, Gustave Le Gray, ca. 1856

~ Gelezen: Grafreizen van Boudewijn Büch, in opdracht van de Vereniging voor Crematie AVVL ter gelegenheid van haar 75-jarig bestaan, 1919-1994. Een vlot geschreven werkje, waarin Büch verslag doet van eigen en andermans (omgevallen boekenkast) bezoekjes aan beduidende en onbeduidende godsakkertjes. Op een oorlogsbegraafplaats in de buurt van Ieper:

‘[D]e zerk van Harold Rowland Hill – gesneuveld in 1917 op 22-jarige leeftijd – die onder zijn naam de extra-tekst (door nabestaanden betaald) heeft: “I’m allright mother, cheerio.”‘

Op de omslag staat een foto van het graf van de Noor Hans Albert Gulliksen, dat op Deception Island, Antartica te vinden is. Gulliksen was, toen hij in 1928 op 56-jarige leeftijd overleed, als timmerman werkzaam in de walvisindustrie. Over Gulliksen wordt in dit boekje overigens verder niet gesproken.

850d2e81-b33b-42e7-a94e-4642d0054820

De vuurtoren van de hospice

Monet (10)

Doet Monet ertoe? Wat is het belang van zijn werk? Reuze-interessante kwesties waar menig kenner al mee geworsteld heeft. In deze blogserie kijk ik naar afzonderlijke schilderijen van hem, waarbij ik me telkens afvraag: Waar ben ik getuige van? Voor welk stukje bestaan heeft hij het ditmaal opgenomen? Welke betekenis rijst hier op? Welk gevoel maakt het in me los? Inmiddels heb ik geleerd dat ik een voorstelling beter begrijp als ik haar in een verhaal kan inpassen. En wie weet wat al deze kleine verhalen uiteindelijk kunnen zeggen over de relevantie van Monets totale oeuvre. We zullen zien.

Na een brand in de houten vuurtoren van Honfleur, een kustplaatsje in Normandië, werd in 1853 begonnen met de bouw van een nieuwe stenen kolos, die men in 1857 in gebruik nam. Omdat deze nieuwe vuurtoren vlak voor de oude hospice – ‘klooster dat noodlijdenden of anderszins hulpbehoevenden onderdak biedt’ – werd neergezet, kreeg hij in de volksmond de naam ‘Le Phare de l’Hospice’ mee.

vuurtoren-honfleur-3
Honfleurs vuurtoren, vlak voor de kapel (met klokkentorentje) van de oude hospice, eind 19e, begin 20e eeuw

Zoals in de vorige aflevering beschreven, schilderde Monet in 1864 vaak in de buurt van Honfleur, dat tegenover Le Havre aan de monding van de Seine ligt. Hij was op dat moment 24 jaar oud, zat midden in de ontwikkeling van een eigen stijl en produceerde het ene na het andere schilderij. Daar, vanaf een wat hoger gelegen punt aan de baai van Honfleur, legde hij op een koele dag, waarop zon en buien elkaar afwisselden, de toen vrij nieuwe vuurtoren in olieverf vast.

art-monet.com
‘De vuurtoren van de hospice’, Claude Monet, 1864, 54 x 81 cm, Kunsthaus Zurich

In de verte, rechts van de vuurtoren, in het midden van het schilderij, ligt de open zee. Daar weer rechts van zien we nog net een strookje heuvelachtig land, dat nu is overdekt met buitenwijken van Le Havre. Achter de vissersboten scheren enkele meeuwen over het bruine water. De bruine kleur verraadt een zandige bodem die wordt omgewoeld. Wellicht vaart de roeiboot op de voorgrond naar een schip dat buiten beeld voor anker is gegaan. Na de bui kunnen we op het strand weer wat bedrijvigheid waarnemen. Te midden van alle warme bruine en beige tinten lezen we aan het ijzige blauw de frisse temperatuur van de lucht af.

In de enorme ruimte die Monet heeft afgebeeld, gebeurt van alles. Hij wist niet alleen een moment vol kleur en beweging te vangen, maar ook de actualiteit, de werkelijkheid van een dag in 1864. ‘Le Phare de l’Hospice’ is naast een verrukkelijk schilderij ook op-en-top een tijdsdocument. Door kleur, contrast en toets te overdrijven, heeft hij de realiteit vergroot, deze als het ware overschreden, met als doel een zo diep mogelijke indruk op de aanschouwer achter te laten. Monet heeft mijn oog voor landschappelijke schoonheid aangescherpt.

De industrialisatie heeft de omgeving van Honfleur en Le Havre geen goed gedaan. In de monding van de Seine is na de Tweede Wereldoorlog zand opgespoten en zijn bedrijventerreinen aangelegd. We hebben de pracht die Monet nog zag met onze vuiligheid overladen. De vuurtoren staat er nog. Zonder lampen en niet meer aan zee. Of toch, een zee van asfalt.

vuurtoren-honfleur-nu
Honfleurs vuurtoren vandaag de dag, screenshot Google Maps

Werf in de buurt van Honfleur

Monet (9)

Als je net Le Havre bent gepasseerd en op de statige brug over de monding van de Seine naar het zuiden rijdt, zie je aan de overkant, schuin rechts, het plaatsje Honfleur liggen. In 1864 schilderde Monet, 24 jaar oud, veel in de buurt van Le Havre en Honfleur. Hij moet, schilderspullen in de hand, de brede Seine vaak per boot zijn overgestoken.

Na een bloeiperiode in de 16e en 17e eeuw, waarin Honfleur een belangrijke havenfunctie had, raakte het stadje in de 18e eeuw door oorlogen en blokkades in verval. Hiervan heeft het zich nooit goed weten te herstellen. Tegenwoordig leven de 8000 inwoners van Honfleur van het toerisme en wat visserij.

img_1058
Honfleur Ca. 1900

Monet was vooral geïnteresseerd in de omgeving van Honfleur, de ruimte en natuur die hij daar vond. Die werkelijkheid wilde hij afbeelden, in het licht waarin hij de dingen zag. Als we naar een schilderij van hem kijken, kijken we door zijn ogen naar een landschap uit de 19e of begin 20e eeuw en zien in elke penseelstreek zijn structurering van de werkelijkheid.

img_1060
Vissersboten in de haven van Honfleur, ca. 1900

Naast een esthetische hebben Monets schilderijen dan ook een historische waarde. In een periode waarin de zwart-witfotografie zich ontwikkelde, legde hij zijn omgeving in kleur vast. Zijn doeken maken deel uit van ons landschappelijk geheugen dat je, door naar zijn voorstellingen te kijken, tot leven wekt. In 1864 zag een stukje strand bij Honfleur, waarop vissersboten werden vervaardigd en gerepareerd, er ongeveer zo uit:

art-monet.com
‘Werf in de buurt van Honfleur’, Claude Monet, 1864, 57 x 81 cm, privécollectie

Uit de bruine bomen kunnen we aflezen dat het herfst was toen Monet dit tafereel schilderde. Er komt rook uit een van de houten huisjes, waarin timmerlieden hun gereedschap bewaarden en wie weet zelfs wel woonden. Uit de boomstammen op het kiezelstrand werden boten gemaakt. Er staat een frisse bries die de zeilen doet bollen. Monet heeft vast een dikke jas aangehad.

In deze jaren muteerde Monets stijl van een realistische naar een impressionistische weergave van de werkelijkheid: hij probeerde het moment steeds meer op schetsmatige wijze te vangen, met een losse toets. Hij was niet op zoek naar verstilling maar wilde zijn representaties verlevendigen.

Landschap in de buurt van Rouelles

Monet (8)

img_1034
Rouelles aan het einde van de 19e eeuw

Halverwege de 19e eeuw was Rouelles nog een dorp met zo’n 600 inwoners, dat enkele kilometers ten noordoosten van Le Havre lag, tegenwoordig is het een wijk van de uitgedijde havenstad. Hoewel geboren in Parijs, bracht Monet het grootste deel van zijn jeugd in Le Havre door. Daar ontmoette hij de oudere schilder Eugène Boudin, die Monets talent herkende en hem bewoog om in de open lucht te gaan schilderen. Het eerste schilderij dat Monet publiekelijk toonde, maakte hij op 18-jarige leeftijd in de open lucht in de buurt van het dorp Rouelles:

img_1032
‘Landschap in de buurt van Rouelles’, Claude Monet, 1858, 46 x 65 cm, privécollectie

Het talent druipt van dit doek af. Hier is een hand aan het werk geweest die moeiteloos, vanuit een natuurlijke begaafdheid, met verf neerzette wat het oog zag. Niet alleen klopt alles technisch gezien, maar Monet heeft ook de sereniteit van een lome zomerdag meesterlijk weten te vangen.

Wat me ook opvalt zijn de lange populieren op de voor- en achtergrond, een boomsoort die Monet in later werk nog regelmatig zou laten optreden. Na het raadplegen van mijn boomboeken denk ik dat het gezien de vorm zwarte populieren zijn, mogelijk de van oorsprong Franse bastaard Populus canadensis ‘Serotina’. Tevens vraag ik me af of die gemankeerde populierenrij op de achtergrond is aangetast door bacteriekanker, wat leidt tot dode takken. Wie het weet, mag het zeggen.

Het bos van Fontainebleau

Monet (6)

Ten zuiden van Parijs ligt het stadje Fontainebleau. In het gelijknamige kasteel hebben eeuwenlang Franse koningen en keizers gewoond, van wie Napoleon III de laatste was. Ze jaagden in het omringende bos, dat met een huidige doorsnee van ca. 25 km nog altijd een van de grotere bossen van Europa is.

Eind 18e eeuw ontdekten kunstenaars de schoonheid van het bos van Fontainebleau. Schilders, die in de openlucht naar de natuur wilden schilderen, gingen voorop, gevolgd door schrijvers en later ook fotografen. Het gevarieerde landschap, dat bestaat uit dicht bos, rotspartijen, kloven, zandverstuivingen en meertjes, werd in die dagen ook wel ‘bos van dromen en het leven’ genoemd.

img_0979
‘Boom, het bos van Fontainebleau’, Gustave Le Gray, 1856

In de zomer van 1863 arriveerde Monet voor de eerste keer. Hij is dan 22 en heeft net zijn militaire dienst achter de rug. Met zijn schildervrienden Pierre-Auguste Renoir, Alfred Sisley, and Frédéric Bazille trekt hij het bos in om dat wat ze zien op het doek vast te leggen: geen verhevenheid maar realiteit. Uit onderstaand schilderij, dat Monet in 1865 in Fontainebleau schilderde, spreekt zijn fascinatie voor licht al. De bomen worden hier gebruikt om ons op het vallende zonlicht te wijzen, spel van licht en donker. En de kleurencombinaties geven de zomer zo goed weer, dat je de warmte bijna voelt hangen.

img_0975
‘Het bos van Fontainebleau’, Claude Monet, 1865, 50 x 65 cm, Kunstmuseum Winterthur, Zwitserland

Hooiberg bij zonsopgang

Monet (5)

Afgelopen week werd een schilderij van Monet verkocht voor het duizelingwekkende bedrag van $ 81,4 miljoen. Het werk, ‘Hooiberg’ of ‘Hooiberg bij zonsopgang’ getiteld, werd in de winter van 1890-1891 in een veldje vlakbij zijn huis in Giverny geschilderd. Het was in handen van een verzamelaar en is overgegaan in handen van een andere verzamelaar. Op voorhand had Cristie’s rekening gehouden met een opbrengst van $ 45 miljoen, maar na een biedstrijd werd het dus bijna het dubbele.

img_0941
‘Hooiberg bij zonsopgang’, Claude Monet, 1891, privécollectie

Afgezien van wat de gek er voor geeft, is het een prachtig schilderij. Het maakt deel uit van een serie van vijfentwintig werken, die Monet in 1890 en 1891 schilderde en hooibergen als onderwerp heeft. Meer en meer neemt Monet in deze periode afstand van wat hij ziet en probeert zijn ervaring, de sensatie van het moment, weer te geven. Expressiviteit krijgt voorrang boven een natuurgetrouwe representatie. Atmosfeer gaat in dit schilderij boven diepte en verhoudingen.

img_0944

De enorme omvang van de hooibergen rondom Giverny, zoals op bovenstaande foto uit die dagen goed te zien is, worden we in Monets schilderij niet gewaar. Wat hij wel meesterlijk weet te vangen is het ochtendlicht en de vrieskou. Zelden heb ik zoveel warme kleuren gezien die het begin van een frisse winterdag zo merkbaar uitdrukken. Ik krijg er bijna een druipneus van.

Landschappen 8 & 9 & Monets ‘Regen op Belle-Île’

Woensdag is mijn doordeweekse vrije dag. Over negen maanden, na mijn ‘functioneel leeftijdsontslag’, heb ik naast het vrije weekend vijf (5) doordeweekse vrije dagen. Ik denk dat ik daar wel aan wennen kan.

Vanochtend trok de regen snel weg en begon de zon te schijnen. Ik ben direct op de fiets gestapt en heb, op m’n dooie akkertje, anderhalf uur in de omgeving van Leeuwarden gefietst. Alhoewel de herfst al weer een maand oud is, zit er hier nog veel groen aan de bomen. Wat houd ik toch zielsveel van dit vlakke land.

img_0756
Landschap 8, Lekkum, 2016 © Ton van ’t Hof
img_0757
Landschap 9, Jelsum, 2016 © Ton van ’t Hof

Na al dat geplens de afgelopen dagen vroeg ik me onderweg af of Monet ook door regen gegeselde landschappen heeft geschilderd. En ja hoor, zelfs meer dan één! Onderstaand schilderij maakte hij in 1886 gedurende een verblijf van tien weken op het Bretonse eiland Belle-Île-en-Mer.

img_0753
‘Regen op Belle-Île’, Claude Monet, 1886, 78 x 79,5 cm, Museé de Morlaix

Je vraagt je af of hij dit doek in de regen heeft staan schilderen, onder een paraplu, of in de beschutting van een atelier. Wat een woest weer. Het vervaagde landschap doet haast abstract aan. Het is al licht wat Monet hier probeert te vangen. Het licht van de regen.

De Seine bij Argenteuil

Alfred Sisley (1839-1899) was een Engelse impressionist die een groot deel van zijn leven in Frankrijk woonde en werkte. Begin jaren 60 volgde hij een opleiding tot kunstschilder aan de Ecole des Beaux-Arts in Parijs, waar hij o.a. Claude Monet ontmoette. Begin jaren 70 schilderden ze beiden in de omgeving van Argenteuil. Ook Sisley zette, evenals Monet, zijn ezel op aan de oever van de kleine zijarm van de Seine, wat twee vergelijkbare schilderijen heeft opgeleverd. Hieronder eerst het schilderij van Sisley en daarna dat van Monet.

sisley-alfred-the-seine-at-argenteuil-sun
‘De Seine bij Argenteuil’, Alfred Sisley, 1872, 46 x 65 cm, privécollectie
img_0709
‘De Seine bij Argenteuil’, Claude Monet, 1873, 50,5 x 61 cm, Musée d’Orsay, Parijs

Sisley’s penseelvoering is wat grover dan die van Monet en zijn kleurgebruik minder fel, wat zijn landschap zwaar en expressief maakt. Voor de geschiedenis van Argenteuil moeten de vele schilderijen die in de 19e eeuw van de stad en zijn omgeving zijn gemaakt, van grote waarde zijn. Voor het schilderij hieronder heeft Sisley achter de hierboven afgebeelde huizen met rode daken gestaan.

sisley-banks-of-seine
‘De oevers van de Seine bij Argenteuil’, Alfred Sisley, 1872, 38 x 56 cm, privécollectie

Links, voor de hoge bomen op het voormalige eilandje Marante, zijn nog enkele rode daken zichtbaar. Dit prachtige landschap is intussen door verstedelijking weggevaagd.

Argenteuil, gezien vanaf de kleine zijarm van de Seine

In 1996 verscheen er een vierdelige catalogus van het complete werk van Monet. De set wordt vanaf $ 380 tweedehands aangeboden. Ik zou er wel eentje willen hebben. Titels en jaartallen van Monets schilderijen zijn online een rommeltje. Deze catalogus zou uitkomst bieden.

De plek waarop Monet het schilderij dat ik gisteren besprak schilderde, moet een geliefde schilderstek zijn geweest. Ik heb namelijk nog vier werken van hem gevonden, die op dezelfde of vrijwel dezelfde plek zijn gemaakt. Gezien de composities heeft Monet voor de laatste twee schilderijen hieronder zijn ezel mogelijk in een sloep gezet. Het is bekend dat hij dat soms deed.

img_0708
‘Argenteuil, gezien vanaf de kleine zijarm van de Seine (1)’, Claude Monet, 1872, 50 x 65 cm, privécollectie
img_0709
‘De Seine bij Argenteuil’, Claude Monet, 1873, 50,5 x 61 cm, Musée d’Orsay, Parijs
img_0727
‘Argenteuil, gezien vanaf de kleine zijarm van de Seine (2)’, Claude Monet, 1872, 54,5 x 72,5 cm, privécollectie
img_0720
‘Herfst op de Seine, Argenteuil’, Claude Monet, 1874

Het puntige gebouw links voor de basiliek Saint-Denys is Château Michelet, dat in de 19e eeuw niet alleen door Monet maar ook door andere schilders is vastgelegd, onder wie Gustave Caillebotte (1848-1894) (zie afbeelding hieronder). Het kasteeltje lijkt intussen afgebroken te zijn; ik kan het op Google Maps niet terugvinden.

img_0721
‘Château Michelet’, Gustave Caillebotte

Herfsteffect in Argenteuil

Regelmatig kom ik online schilderijen van Claude Monet (1840-1926) tegen die ik nog niet ken. Hij heeft een enorm oeuvre achtergelaten. Laatst las ik ergens dat er nog zo’n 5000 werken van hem zouden bestaan.

Monet is mijn lievelingsschilder.

Al jaren koester ik de wens om me nog verder in hem te verdiepen. Gisteren kwam ik op het idee om op dit blog elke week een schilderij van Monet te bespreken. Vanochtend dacht ik: stel niet uit tot morgen, wat je vandaag doen kunt.

Ik heb geen plan hoe ik zijn oeuvre wil behandelen. Een eventuele systematiek moet gaandeweg maar ontstaan. Ik begin gewoon.

Het is herfst. Online zoek ik naar een herfstgezicht en stuit op ‘Effet d’Automne à Argenteuil / Herfsteffect in Argenteuil’, dat Monet in 1873 schilderde.

img_0703
‘Herfsteffect in Argenteuil’, Claude Monet, 1873, olieverf op doek, 55 x 74,5 cm, Samuel Courtauld Trust, The Courtauld Gallery, Londen, VK

Monet heeft enkele jaren in het Franse plaatsje Argenteuil gewoond, dat ten noordwesten van Parijs aan de Seine ligt. Hij heeft daar veel buiten geschilderd. Op dit schilderij zien we in de verte de zonovergoten basiliek Saint-Denys van Argenteuil. Het water op de voorgrond is een zijarm van de Seine, die zich vroeger om twee eilandjes krulde. Deze zijarm is intussen gedempt. De vlammende bomen links staan op het voormalige eilandje Marante.

Online kom je veel foto’s van dit schilderij tegen. Ik denk dat de reproductie hierboven qua kleur dicht in de buurt van het origineel komt. Het moet in 1873 een heerlijke heldere dag zijn geweest. Door de horizon in het midden te leggen, kon Monet de spiegeling van het warme oranje en het koele blauw vol weergeven. Hieronder een foto van het schilderij met lijst, zoals het in The Courtauld Gallery in Londen hangt.

img_0704

Niet ver van de plek waar Monet voor dit schilderij aan de oever moet hebben gestaan, vinden we vandaag de dag een brug over de Seine, die het plaatsje Colombes verbindt met Argenteuil. Het Google Maps screenshot hieronder is vanaf die brug genomen. Op dat screenshot kunnen we de toren die op het schilderij nog links van de basiliek staat niet meer terug te vinden. Er is sinds 1873 veel veranderd. Ik zou aan de oude oever wel een sigaretje met Monet hebben willen roken.

img_0701

Gouden ideeën

Las gisteren James Altuchers pamflet The 20 Habits of Eventual Millionaires. Altucher is een rare snuiter: een meerdere malen gescheiden miljonair (manager, entrepreneur, topauteur) die via Airbnb leeft op zitbanken van anderen: ‘I have one bag of clothes, one backpack with a computer, iPad, and phone. I have zero other possessions.’

Op zijn blog geeft hij beleggingsadviezen en verheerlijkt tegelijkertijd een minimalistische levensstijl. Altucher als comfortabele zwerver. Een imago dat wel wat heeft.

20-habits-eventual-millionaires

Eén van de gewoontes van een ‘uiteindelijke miljonair’ bleef me vannacht bij: ‘Schrijf elke dag tien ideeën op.’ Met de belofte dat dit, mits je het zes maanden lang elke dag doet, tot superkracht leidt. Tot gouden ideeën of iets dergelijks. Waar je dan, neem ik aan, goed geld uit kan slaan.

En in bed bedacht ik me: elke dag tien ideeën spuien is zo makkelijk nog niet. Laat ik het eens eenmaal proberen.

Een boekje over mijn wandelingen door Friesland schrijven.
Stiftgedichten slaan uit Tolstojs Oorlog en vrede.
Een logo voor Uitgeverij Stanza ontwerpen.
Een hond uit het asiel adopteren.
De achterbuurman helpen met het snoeien van zijn reuzenboom.
Weer gaan schilderen, op doek met olieverf.
Elk schilderij van Claude Monet in het echt gaan zien.
Elke week op dit blog een schilderij van Monet bespreken.
Een boekje met mijn puikste blogberichten uitgeven.
Elke vrijdag een bos bloemen voor mijn echtgenote meenemen.

Kostte me een half uur. Niet eenvoudig zo’n eerste keer.

Choose Yourself, James Altucher, Createspace Independent Publishing Platform, 2013: via bol.com.

Verstild

Over een gedicht van Callie Siskel

Als groot bewonderaar van het werk van de Franse impressionistische schilder Claude Monet, was mijn bezoek enkele jaren terug aan zijn huis in het Normandische gehucht Giverny een ware belevenis. Dat prachtige huis, waarin Monet van 1883 tot aan zijn dood in 1926 woonde, is inclusief de indrukwekkende tuinen gerestaureerd en opengesteld voor publiek. De Amerikaanse Callie Siskel schreef er een gedicht over, getiteld ‘Giverny’, waarmee haar debuutbundel Arctic Revival opent:

GIVERNY

De natuur houdt nooit op.
– Claude Monet

Niets in de tuin
is zo geel als de eetkamer.
Niets zo dekkend.

Een boterachtige schaduw
bestrijkt de muren en sluit zich
rond het meubilair.

Twee eindjes touw
scheiden de kamer van het huis af
alsof ze waarschuwen voor natte verf.

Het is lak en zonlicht
door de terrasdeuren die de illusie
van nattigheid geven

waar het niet nat is,
waar alles in gereedheid is gebracht.
Zelfs de gele tafel,

in wit gedrapeerd
en de acht stoelen met rieten rug,
allemaal aangeschoven

voor een bord met wilgenmotief
en een kristallen glas
dat we niet konden heffen.

Jij was bijna dertien jaar
mijn vader.
Ik vroeg je waarom

we die dag niets
mochten aanraken,
maar je kon niet weten

dat de kamer niet meer veranderen zou
en wij zouden worden overleefd
door een dikke laag verf.

Monet was dol op eten. Hij startte de dag vaak met een Engels ontbijt, waarna hij enkele uren schilderde. Lunch en diner bestonden uit meerdere gangen en ’s middags tussen vier en vijf werd er thee met zoetigheden geserveerd. Hij had een kokkin in dienst en tuinmannen die de moestuin verzorgden en in de tuinvijver uitgezette karpers en snoeken vingen. Keuken en eetkamer behoorden tot de belangrijkste vertrekken in Monets huis. Beide zijn in oude staat hersteld. Siskel heeft de sfeer van de gele eetkamer in haar gedicht goed weten te treffen.

In de laatste drie strofen treurt Siskel over het verlies van haar vader, die overleed aan de gevolgen van een hersentumor. Ze was toen twaalf jaar. Dat verlies weet ze op aangrijpende wijze te verknopen met de verstilde eetkamer waarin Monet ooit kon worden aangeraakt.

7f

‘Arctic Revival’, Callie Siskel, The Poetry Society of America, 2015, via de PSA webshop.

Toen en nu

monet1

monet2

In augustus 2009 hebben we het huis van Claude Monet in Giverny bezichtigd, dat ten noordwesten van Parijs ligt, op ruim zeventig kilometer, in de regio Haute-Normandie. Het was een broeierige dag en ik genoot van de wandeling door de beroemde tuinen die Monet in zijn laatste levensjaren zo vaak heeft geschilderd. Hij is een van mijn helden. Sinds onze kennismaking meer dan veertig jaar terug heeft hij de wijze waarop ik naar licht en kleur kijk blijvend beïnvloed.

In de jaren zeventig en tachtig van de negentiende eeuw bezocht Monet enkele malen Holland. Van die bezoeken is maar weinig bekend. Wel heeft hij ons 42 schilderijen nagelaten, die hij in de Zaanstreek, de Bollenstreek en Amsterdam maakte. Meer dan de helft daarvan werd in 1986 in het Van Gogh Museum tentoongesteld. Onlangs heb ik de uitvoerige tentoonstellingscatalogus voor € 5 euro op de kop kunnen tikken. De twee contrasterende schilderijen van de Groenburgwal en de Zuiderkerk – op een grauwe en een zonnige dag – vind ik van een grote schoonheid. Vanmiddag fietste ik langs de plek waar Monet bijna 150 jaar geleden met zijn schildersezel moet hebben gestaan en nam een foto; om toen en nu te kunnen vergelijken.

(Dit bericht verscheen eerder, op 17-07-2014, op 1hundred1.tumblr.com.)