In de Friesche Naamlijst van Johan Winkler (1898) lees ik dat de uitgang sma betekent: ‘zoon, afstammeling of horige’ van. De strekking van Brandsma zou dan zijn: Brands zoon, de zoon van de man die Brand (of Brant) heette. Brand zou dan weer een verbastering van het aloude Brandrik kunnen zijn.
     Al langere tijd vraag ik me af waarom Jelle Broers en zijn zoon Johannes Jelles in 1811 de naam Brandsma aannamen. Bovenstaande zou een aanknopingspunt kunnen zijn: wie weet heette de grootvader van Jelle Broers, die ik op dit moment nog niet ken, wel Jelle Brands. Of zijn overgrootvader Brand Jelles. Op Alle Friezen vind ik één hit voor ene Brant Jelles: in het Ondertrouwregister van het Gerecht te Dokkum valt te lezen dat Brant Jelles, wonende te Kollum, en Anne Romkes, wonende te Dokkum, op 5 februari 1663 in ondertrouw zijn gegaan. Ook Broer Brands levert een treffer op, maar dan met betrekking tot een document van latere datum, uit 1848, waarin de naam Broer Brands Haagsma voorkomt. De les die ik uit dit alles trek is dat Brandsma heel goed zou kunnen verwijzen naar een vroege voorvader die Brand, Brant of Brandrik heette.
     Wat ik ook overwogen heb, maar nu wat minder aannemelijk vind, is de mogelijkheid dat Brandsma een geografische oorsprong heeft. In de Friesche Naamlijst zijn ook plaatsnamen opgenomen waarin brand of brant voorkomt, bijvoorbeeld: Brantgum, een dorp in West-Dongeradeel, Brandemeer, een meer in Lemsterland, Branda, een voormalige state onder Nes in Dongeradeel, Brandtjewijk, veenvaart onder Surhuisterveen, en Brandtjeklooster, een buurt in Leeuwarden. Uitsluiten kan ik een geografische herkomst niet, maar vanwege de uitgang sma gok ik vooralsnog op de man die Brand heette.

Weliswaar grijze, maar heerlijk koude dag; de winter is in aantocht. Straks Wim en Annemiek op bezoek. Veul boodschappen gedaan en veul eten voorbereid. Daarna de haard aangestoken.

42C762A0-F886-4A78-BE6C-0EAD7F70FD73

Emmakade, Leeuwarden, 2017 © Ton van ‘t Hof