Mijn eerste meubelstuk

Vanochtend de eerste verjaardag van Gaia Chapbooks gevierd met de publicatie van het negende deeltje in de reeks: Your Daily Fake Poetry van debutant Bob Vanden Broeck.

Vervolgens deel tien gezet, dat volgende maand zal verschijnen: De kolengruizer van Martin Knaapen.

Daarna pompoensoep gemaakt en wat gelezen:

‘Het probleem met Nederland is dat de landschappen hier nog vergankelijker zijn dan wijzelf.’

Koos van Zomeren

‘s Middags de overall aangetrokken en mijn eerste meubelstuk gemaakt: een stoel, vrij (want niet helemaal gelijk) naar een ontwerp van de Italiaanse designer Enzo Mari (1932). Morgen beitsen.

Geen geheimen hebben

Met de bus op en neer naar Leeuwarden geweest voor een gebitsreiniging. De tandartspraktijk in Holwerd neemt momenteel ‘helaas geen nieuwe patiënten aan’. Daarom zijn we voorlopig nog op onze oude (en vertrouwde) tandarts aangewezen. Maar wat me voorheen een uurtje kostte, kost me vanwege de toegenomen reistijd thans drie uur.

En wat een takkenweer onderweg! Gelukkig hield Koos van Zomeren me gezelschap; citaat uit Nog in morgens gemeten. Nieuw Herwijns dagboek (2006): ‘Regen, wind, een nieuwe kou. Mooi weer vind ik ook wel mooi, maar van lelijk weer, vooral als het net een hele tijd mooi is geweest, kan ik echt vrolijk worden.’

Eenmaal weer thuis: kop zelfgemaakte erwtensoep opgelepeld, aannemer gebeld, dakpannenreiniger aangeschreven, proefdruk van Bob Vanden Broecks Your Daily Fake Poetry besteld, naambordje op de deur geschroefd, tig verhuisdozen uitgepakt.

En o ja, het loffelijk streven van vandaag was: eerlijk zijn, en aardig, met beide benen op de grond blijven staan, geen geheimen hebben; oftewel: oprekken dat perspectief!

Brantgum, 2020 © Ton van ’t Hof

Stoof door de krant heen, eeuwige herhaling van ellende. Besteedde aandacht aan een artikel van een universitair hoofddocent – ‘Het zoeken naar consensus onder klimaatwetenschappers leidt tot behoedzame schattingen en geregeld worden risico’s daarom onderschat.’ – en de overwinning van eerste divisionist Cambuur gisteravond – ‘Noem het “Herbstmeister” of “winterkampioen”; SC Cambuur is het nu al.’

Bob Vanden Broeck stuurde me zijn definitieve poëziemanuscript toe: hij zal volgend jaar in de Gaia Chapbooksreeks debuteren.

Verving twee gedichten in mijn eigen manuscript. Daarna gewandeld & vis gegeten. ’s Middags de omslag van mijn nieuwe bundel vervolmaakt, de boel geüpload en een proefdruk besteld van Waar tijd al niet goed voor is.

Een aanstekelijk geluk overviel me.

In bad verder gelezen in Paolo Cognetti’s De buitenjongen. Een dijk van een verhaal over een writer’s block in de bergen. Sober en bedaard verteld, vol zalige eenzaamheid & ruige natuur van de Grajische Alpen. Het boek roept een verlangen bij me op naar dikke profielzolen & grootse panorama’s.

Gytsjerk, 2019 © Ton van ’t Hof