I Miss You Very Much, Goehring & Griffin

I Miss You Very Much van Stephanie Goehring en Jeff Griffin is hardcore bekentenispoëzie van de bovenste plank. In een briefwisseling komen ze vrijmoedig uit voor hun heil en leed, en staan daarmee in een Amerikaanse traditie die begon in de jaren 50 van de vorige eeuw met dichters als Robert Lowell, John Berryman en Sylvia Plath, die na de Tweede Wereldoorlog zochten naar oprechtheid, spontaniteit, directheid en gemoedelijkheid in hun poëzie, het onderbewustzijn exploreerden, taboes bespraken en opgingen in het leven van alledag. Allen Ginsberg, Frank O’Hara, Robert Bly en Sharon Olds breidden deze zelfverkenningen uit tot het politieke en esthetische terrein. Vandaag de dag lijkt het genre een opleving door te maken met dichters als Tao Lin, Matvei Yankelevich, Megan Boyle, Brian Coffelt en nu dus ook Goehring & Griffin, met als nieuwigheid dat zij allen ook het absurdistische terrein betreden.

Beste Stephanie,

Was je in Vegas? Dat wist ik niet. Ik kom er vandaag doorheen, hoop ik. Misschien ben je er dan nog wel.

Ik nam vandaag de trein en stapte zo’n 50 mijl voor de stad uit. Ik loop de rest. Mijn laarzen zijn versleten en ik heb me in maanden niet geschoren. Terwijl ik door de woestijn sjok heb ik steeds van die visioenen dat ik een of andere schat vind. Geld bijvoorbeeld. Verborgen of begraven drugsgeld dat ik dan zou gebruiken voor de meest dure suite in Vegas. Ik zou me scheren en douchen en naar de hoeren gaan en gokken en biefstuk en kreeft eten bovenin dat ronddraaiende restaurant op de Strip. Maar in plaats daarvan stuitte ik op een uitgebrande auto met twee lichamen erin. Ik stond op het dak om te zien hoe ver de stad nog was maar dat lukte niet.

Ik denk dat ik gewoon maar verder ga. Ik heb nog wat eten, m’n whisky. Misschien scoor ik wat drugs. Ik weet niet wat voor drugs maar dat maakt niet uit.

Deze wereld lijkt soms niet veel voor te stellen.

Stephanie Goehring & Jeff Griffin
Vertaling Ton van ’t Hof

I Miss You Very Much is dolkomisch en intriest tegelijkertijd. De worsteling met het idee dat het leven geen werkelijke betekenis heeft is groot. Hier zijn twee dichters aan het woord die zich niet langer thuis voelen in de maatschappij, zich er van vervreemden, de crisis belichamen van onze cultuur. Goehring & Griffin gebruiken de bekentenis als een spiegel en kritische diagnose van de westerse ontwikkelingsgang. Het schaamrood overtijgt mijn gelaat. Dit is een relevante bundel.

Beste Stephanie,

We tasten rond in het donker, op zoek naar een lichtknop die er niet is. We handelen telefoontjes af van meiden. Het is niet de meid waar je het liefst van zou willen horen, maar je krijgt dat telefoontje nu eenmaal. Dus. We drinken. We roken. We zijn in de war. Het interesseert ons niks. We voelen ons slecht en zijn blij op Pasen. We winnen de loterij, een paar dollar maar. We zitten niet in de gevangenis, maar soms voelt dat wel zo. En soms niet. Soms hebben we seks met vuur. We zijn zo in de war.

Ik wilde met je trouwen toen ik dacht dat dat niet mogelijk was. Ik wilde met je trouwen en nog een hoop andere dingen doen. In plaats daarvan ben ik alleen op een schietbaan en praat tegen mezelf. Het is donker. Ik kan mezelf of wat dan ook niet zien. Ik wil vechten … of dansen. Ik kan me niet meer herinneren welke van de twee. Ik kan me niets meer herinneren en ik weet niks.

Stephanie Goehring & Jeff Griffin
Vertaling Ton van ’t Hof

(Dit bericht verscheen eerder, op 03-03-2013, op 1hundred1.tumblr.com.)