‘Zonder verftubes zouden er geen Cézanne, Monet, Sisley of Pissarro zijn geweest, niets van wat de journalisten later het impressionisme gingen noemen,’ stelde Renoir ooit. Zo lees ik in Antoon Erftemeijers De nieuwe bril van Monet: Anekdotes over de Franse impressionisten en hun tijdgenoten (Becht, 2002). En ben er even stil van.

Renoir wijst hier op de mogelijkheid die de vinding ‘metalen verftube’ rond 1850 schiep: buiten schilderen. Dankzij de tube droogde de verf niet op, kon je die kant en klaar-en-klaar meenemen. Het bos of veld in.

Zo belangrijk kan een ogenschijnlijk klein dingetje zijn. En wat me ook verrast: dat Pierre-Auguste Renoir (1841-1919) zich dit al realiseerde.

Het bos van Fontainebleau

Monet (6)

Ten zuiden van Parijs ligt het stadje Fontainebleau. In het gelijknamige kasteel hebben eeuwenlang Franse koningen en keizers gewoond, van wie Napoleon III de laatste was. Ze jaagden in het omringende bos, dat met een huidige doorsnee van ca. 25 km nog altijd een van de grotere bossen van Europa is.

Eind 18e eeuw ontdekten kunstenaars de schoonheid van het bos van Fontainebleau. Schilders, die in de openlucht naar de natuur wilden schilderen, gingen voorop, gevolgd door schrijvers en later ook fotografen. Het gevarieerde landschap, dat bestaat uit dicht bos, rotspartijen, kloven, zandverstuivingen en meertjes, werd in die dagen ook wel ‘bos van dromen en het leven’ genoemd.

img_0979
‘Boom, het bos van Fontainebleau’, Gustave Le Gray, 1856

In de zomer van 1863 arriveerde Monet voor de eerste keer. Hij is dan 22 en heeft net zijn militaire dienst achter de rug. Met zijn schildervrienden Pierre-Auguste Renoir, Alfred Sisley, and Frédéric Bazille trekt hij het bos in om dat wat ze zien op het doek vast te leggen: geen verhevenheid maar realiteit. Uit onderstaand schilderij, dat Monet in 1865 in Fontainebleau schilderde, spreekt zijn fascinatie voor licht al. De bomen worden hier gebruikt om ons op het vallende zonlicht te wijzen, spel van licht en donker. En de kleurencombinaties geven de zomer zo goed weer, dat je de warmte bijna voelt hangen.

img_0975
‘Het bos van Fontainebleau’, Claude Monet, 1865, 50 x 65 cm, Kunstmuseum Winterthur, Zwitserland

De Seine bij Argenteuil

Alfred Sisley (1839-1899) was een Engelse impressionist die een groot deel van zijn leven in Frankrijk woonde en werkte. Begin jaren 60 volgde hij een opleiding tot kunstschilder aan de Ecole des Beaux-Arts in Parijs, waar hij o.a. Claude Monet ontmoette. Begin jaren 70 schilderden ze beiden in de omgeving van Argenteuil. Ook Sisley zette, evenals Monet, zijn ezel op aan de oever van de kleine zijarm van de Seine, wat twee vergelijkbare schilderijen heeft opgeleverd. Hieronder eerst het schilderij van Sisley en daarna dat van Monet.

sisley-alfred-the-seine-at-argenteuil-sun
‘De Seine bij Argenteuil’, Alfred Sisley, 1872, 46 x 65 cm, privécollectie
img_0709
‘De Seine bij Argenteuil’, Claude Monet, 1873, 50,5 x 61 cm, Musée d’Orsay, Parijs

Sisley’s penseelvoering is wat grover dan die van Monet en zijn kleurgebruik minder fel, wat zijn landschap zwaar en expressief maakt. Voor de geschiedenis van Argenteuil moeten de vele schilderijen die in de 19e eeuw van de stad en zijn omgeving zijn gemaakt, van grote waarde zijn. Voor het schilderij hieronder heeft Sisley achter de hierboven afgebeelde huizen met rode daken gestaan.

sisley-banks-of-seine
‘De oevers van de Seine bij Argenteuil’, Alfred Sisley, 1872, 38 x 56 cm, privécollectie

Links, voor de hoge bomen op het voormalige eilandje Marante, zijn nog enkele rode daken zichtbaar. Dit prachtige landschap is intussen door verstedelijking weggevaagd.