Het startschot voor de eerste uitvoering van De Grote Poëzieprijs is gelost. In februari worden vijf genomineerde bundels uitgebazuind. Aan eentje ervan kent de jury, die uit vijf leden bestaat, later in het jaar de prijs toe, die € 25.000 bedraagt. Beslissingen worden genomen bij meerderheid van stemmen. De prijs heeft tot doel Nederlandstalige poëzie te stimuleren in binnen- en buitenland.

In het reglement wordt niet aangegeven waar de bekroning om draait. Dient de beste, grappigste, geëngageerdste of wellicht vernieuwendste bundel te zegevieren? Je weet het niet. Een onzekerheidje waar het bestuur van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, die de juryleden benoemd, eveneens last van heeft. Want over welke deskundigheid moet een jurylid beschikken?

Anderzijds is deze desoriëntatie ook handig. De identiteit van juryleden is nu relevanter dan hun vakinhoudelijke kennis. Het aantal mogelijke kandidaten neemt hierdoor toe. De benoemingscommissie kan zich qua samenstelling concentreren op een politiek correcte mix van individualiteiten.

Voor 2019 heeft dit een rapsodische jury opgeleverd, wier leden in totaal vier dichtbundels hebben gepubliceerd en een proefschrift over het typografisch wit in de moderne poëzie. Non-conformistische poëzie heeft deze keer geen enkele kans. Matige vakinhoudelijke kennis staat garant voor een tamme bundel als winnaar.

Auteur: tonvanthof

Dichter & blogger o.a.

One thought on “”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.