Ik ken mezelf een klein beetje, de ervaringen die ik heb opgedaan. Maar veel meer dan dat weet ik niet.

Wat ik niet weet is, bijvoorbeeld, of er een innerlijke vrede bestaat die níet afhankelijk is van gezondheid, macht, succes, geld of zintuiglijke genoegens. Maar iets in me vermoedt dat die bestaat.

En dat ‘iets’ wat in me zit begint, zo lijkt het, zaken voor me te regelen. Alsof het de weg aan het effenen is, ruimte aan het scheppen en tijd aan het vrijmaken is voor een zoektocht, een ontdekkingsreis. Zelfs Stanza heeft eraan moeten geloven.

Alsof ik geen zin meer heb om mijn tijd op te splitsen en me nog meer wil wijden aan wat me op dit moment het meest essentieel lijkt.

En het draait allemaal, zo wordt mij ingefluisterd, om míjn antwoorden op de meest fundamentele vragen van het leven.

Er hangen veranderingen in de lucht.