Hieronder een eerste vertaling van Michael Hellers gedicht ‘Fishing’ uit 1966 (eind 2017 verschijnt er bij Stanza een vertaalde keuze uit zijn werk):

VISSEN

     Voor Hugh

Kijk in de diepte.

We zijn niet onszelf
Maar de paradox, we zijn geen ander

Thoreau zei: ‘de plaatsen die me hebben gekend,
ze zijn verloren.’ Want hij kende er geen,
Noch Walden, noch de door de storm geteisterde Kaap
op welke wijze dan ook nuttig voor hem.
Ik bedoel, hij bleef teruggaan.
Hij moest terug.
Ik bedoel, hier zijn we
en het is niet genoeg.

*

Eerst
komt er een roeiboot voor anker,
die even voorbij de branding wordt vastgelegd,
terwijl mannen aan wal zorgvuldig het net vouwen.
Dan wordt de boot op het strand getrokken
en het net erin gelegd.
Als een lijn aan een uiteinde ervan
is vastgemaakt aan een rots op het land
wordt de boot te water gelaten
om een wijde bocht door de baai te maken,
de mannen in de boot werpen het net
terwijl zij vaart
totdat ze uiteindelijk naar de kust terugkeren
ongeveer honderd meter verder op het strand
met het andere eind van het net.
Opnieuw gaat de boot in zee voor anker
en de mannen groeperen zich aan beide uiteinden
van het net
en beginnen het binnen te halen,
waarbij ze een kort stuk touw gebruiken waaraan een steen is vastgeknoopt,
dat ze door de mazen heen steken, waarna ze zich omdraaien
en, touwen over hun schouders, beginnen te trekken,
gezichten rood, nek-, dij- en rugspieren gespannen,
terwijl de jongste kinderen
er een spelletje van maken om de natte lijnen
in perfecte cirkels te leggen.

De veelzijdige Amerikaan Henry David Thoreau (1817-1862) schreef o.a. de boeken Walden (ligt nog op mijn stapel ongelezen boeken) en Cape Cod, waarin hij een waar en simpel leven in de natuur voorstaat. Zelf was hij niet in staat om te doen wat hij met zijn mond beleed: ‘Thoreau neither rejected civilization nor fully embraced wilderness. Instead he sought a middle ground, the pastoral realm that integrates nature and culture.’ Thoreau was wel reislustig en doorkruiste vooral het noordoosten van de VS.

Het is deze rusteloze aard van Thoreau die Heller in dit gedicht veralgeminiseert: aan de natuur alleen had de mens niet genoeg. We hebben ons ontwikkeld, een zekere mate van beschaving opgebouwd. Hoewel we als kind nog dicht bij onze oorsprong staan, zit de drang tot ontplooien, vormen, vervolmaken – ‘perfecte cirkels’ – er al vroeg in.

Gepubliceerd door

tonvanthof

Dichter & blogger o.a.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s