Gedachten op een vrijdagochtend terwijl ik werk of probeer te werken en naar Radio 4 luister:

Zelden weet ik welke dwaling gaandeweg een springplank wordt in de ontwikkeling van mijn poëzie. Om de mogelijkheid tot ontwikkeling open te houden, dien ik de discipline op te brengen om niet te snel over mijn dwalingen te oordelen.

Misschien moet ik een van mijn grootste en oudste wensen maar laten varen: de ontdekking van iets zinnigs aan deze wereld.

Poëzie begint bij klungelen.

Zoals, bijvoorbeeld, een gedicht waarin we tegelijkertijd afstand doen van nucleaire wapens, patriottische retoriek en nationalisme.

Hoe lang blijven ‘de grootste romans aller tijden’ eigenlijk de grootste romans aller tijden?

Relaties zijn belangrijk. Tijd is belangrijk.

Mijn ongeduld is een aandrift tot verandering of opdringerigheid.

De eerste keer dat ik Hennie kuste, stonden we buiten in de sneeuw. Het vroor dat het kraakte. Maar we waren gelukkig. En we dampten.

Wat nu? Wat leveren deze gedachten eigenlijk op? Hoe word ik beter van ze?

‘Ik’ is een melodramatisch woord. Zodra ik het opschrijf, brokkelt mijn zelfvertrouwen af.

(Op dit punt aanbeland heb ik alle pijnlijk saaie gedachten uit bovenstaande tekst geschrapt.)

Dan steekt iemand z’n kop om de hoek van de deur en toetert: ‘Ik wil een succesvolle dichter worden! Welk boek beveel je me aan?’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s