Ruimtebesef

‘Het is een feit dat veel landschappen in West-Europa in enkele generaties zo sterk zijn veranderd dat oude mensen er soms nauwelijks meer het landschap van hun jeugd in herkennen.’ – Ton Lemaire

Ooit werd ik door een criticus een ‘romanticus’ genoemd, gniffelend, alsof ik een enorme stommiteit zou hebben begaan. Ik moest aan dit voorval terugdenken, toen ik Gerrit Jan Zwiers boek De wandelaar is een weeskind van de romantiek: Op stap in Noord-Nederland uit de openbare bibliotheekkast pakte. Verkies ik voelen boven denken? Zin boven nut? Nu en dan, meen ik. Ik ben wel dol op de natuur. Zwier ging mee naar huis.

Wat verwacht ik van een wandelboek? Dat het informatie geeft. Over wat er tijdens de wandeling wordt gezien, op ooghoogte, en gehoord en geroken. Ik ben ook geïnteresseerd in historische details: waarom ziet het landschap eruit zoals het eruitziet? Waarom doen de mensen in dat landschap wat ze doen? Tot slot mogen de gemoedsbewegingen van de schrijver-wandelaar niet ontbreken, al hoeven ze niet uitputtend te worden behandeld. En dit alles helder beschreven, zonder opsmuk (géén Joyce-Roodnat-geneuzel dus), en met een zeker enthousiasme dat me doet verlangen naar mijn eigen wandelschoenen. Dat verwacht ik van een wandelboek.

De wandelaar is een weeskind van de romantiek voldoet op al deze punten aan mijn verwachtingen. Het is een vlot geschreven, onderhoudend wandelboek. Vooral Zwiers methodiek om steeds met boeken van anderen in de hand te wandelen, waarop hij naar hartelust reflecteert, werkt bijzonder goed. Twee van die boeken heb ik naar aanleiding van Zwiers reflecties intussen zelf aangeschaft. Maar hoe zit het nou met die romantiek? Hierover zegt Zwier het volgende:

‘De wandelaar, die puur voor zijn genoegen op stap gaat, mag dan een product zijn van welvaart en vrije tijd, hij is ook een erfgenaam van de romantiek. Wat hij zoekt, is de intimiteit van de natuur en het oude landschap. “Wandelen is zowel een activiteit als een kunst,” zegt filosoof Ton Lemaire (in Wandelenderwijs). Volgens hem is het de kunst “zich opgenomen te voelen in de totaliteit van de wereld”. Ja, dat is het streven van de ware romanticus: die wil opgaan in de natuur, ermee versmelten.’

Ik heb inderdaad een nostalgisch verlangen naar het Oudhollandse landschap, zoals ik dat ken van oude schilderijen: weids, veel weide en water, monumentale wolkenpartijen, en bovenal een schone horizon: geen flatgebouwen, windmolens, verkeerspleinen etc. Eenmaal in de natuur vergeet ik mijn zorgen, raak vervuld van het hier en nu, vergroot mijn ruimtebesef. In dit verband klinkt ‘versmelten’ me net iets te mystiek, maar dat ik graag in het gezelschap van de natuur verkeer, is zeker. In dat opzicht ben ik voorwaar ‘een weeskind van de romantiek’.

De wandelaar is een weeskind van de romantiek, Gerrit Jan Zwier, Uitgeverij Noordboek, 2012.

Gepubliceerd door

tonvanthof

Dichter & blogger o.a.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s