Zo houd ik van haar

In 2009 verscheen Wisława Szymborska’s een-na-laatste dichtbundel, getiteld Hier. Ze was toen dik in de tachtig. Het bundeltje bevat negentien gedichten, waarvan toch gauw de helft te mager van kwaliteit is en de redactionele toets niet had mogen doorstaan. Het bundeltje is gedeeltelijk in elkaar geflanst. Dit gedicht, bijvoorbeeld, vind ik te pover voor publicatie:

VERMEER

Zolang die vrouw uit het Rijksmuseum
in geschilderde stilte en concentratie
uit een kan in een schaal
dag in, dag uit melk giet,
verdient de Wereld
geen einde van de wereld.

Het heeft er veel van weg dat Szymborska’s talent, tegen het licht van de ouderdom (ze overleed in 2012), moest worden uitgemolken. Om de bundel nog wat volume te geven, werd inferieur vulsel gebruikt. Ook het volgende futloze gedicht had niet mogen worden opgenomen, daar is Szymborska simpelweg te groot voor:

VOORBEELD

Een stormwind
heeft vannacht alle bladeren van de bomen gerukt
behalve een enkel blaadje,
achtergelaten,
om solo te wapperen aan een naakte tak.

Met dit voorbeeld
demonstreert het Geweld,
dat het, jawel –
soms van een geintje houdt.

Gelukkig staan er ook verzen in de bundel die wél kunnen boeien. Het titelgedicht is daar een illustratie van. Dat is overpeinst, gerijpt. Daar is hart en ziel aan gewijd. Daarin herkennen we de speelse Szymborska, die ons behoedzaam naar een verrassend einde brengt. Zo houd ik van haar.

HIER

Ik weet niet waar nog meer,
maar hier op aarde is genoeg van alles.
Hier maakt men stoelen en verdriet,
schaartjes, violen, tederheid, transistors,
stuwdammen, grappen, kopjes.

Misschien dat elders van alles meer is,
alleen ontbreken daar om bepaalde redenen schilderijen,
kinescopen, noedels, tranendoekjes.

Hier is een overvloed aan plekken met omgeving.
Op sommige kun je bijzonder gesteld raken,
ze op jouw manier benoemen
en behoeden voor het kwade.

Misschien zijn elders soortgelijke plekken,
alleen vindt niemand die mooi.

Misschien als nergens anders of zelden ergens
heb je hier een eigen romp,
en daarbij de nodige attributen
om bij kinderen van anderen die van jezelf te voegen.
En verder handen, benen en een verbaasd hoofd.

Onwetendheid hier is aldoor in de weer,
telt voortdurend iets, vergelijkt, meet,
trekt daaruit conclusies en wortels.

Ik weet het, ik weet wat je denkt.
Niets hier is blijvend,
want voor eeuwig en altijd in de macht der elementen.
Maar zie – elementen raken snel vermoeid
en moeten soms lang rusten
tot de volgende keer.

En ik weet wat je nog meer denkt.
Oorlogen, oorlogen, oorlogen.
Maar ook daartussen doen zich pauzes voor.
Geef acht – de mensen zijn slecht.
Plaats rust – de mensen zijn goed.
Op geef acht produceert men woestenijen.
Op plaats rust worden in het zweet des aanschijns huizen gebouwd
en raken snel bewoond.

Het leven op aarde is tamelijk goedkoop.
Voor dromen bijvoorbeeld betaal je hier geen cent.
Voor illusies – pas als je ze kwijt bent.
Voor het hebben van een lichaam – alleen met dat lichaam.

En alsof dat nog niet genoeg is
draai je zonder kaartje mee in een carrousel van planeten,
en samen met haar, zwart, in een storm van melkwegstelsels,
door tijden zo duizelingwekkend,
dat niets hier op aarde daar zelfs maar van trillen kan.

Want kijk maar eens goed:
de tafel staat waar hij stond,
op de tafel ligt een briefje, zoals daar neergelegd,
door het open raam een vleugje van enkel lucht,
en in de muren geen vervaarlijke spleten,
waardoor je nergens heen zou kunnen waaien.

Hier, Wisława Szymborska, De Geus, 2009

Gepubliceerd door

tonvanthof

Dichter & blogger o.a.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s