Gulle drukte van wimpers

Terwijl Martijn (Martinus Hendrikus) Benders’ bundel bezinkt, lees ik in de trein op en neer naar Den Haag de nieuwste van Eileen Myles: Snowflake (Wave Books, 2012). Myles (1949) pende meer dan twintig boeken en nam in de jaren 70 nog samen met Alice Notley en Ted Berrigan deel aan workshops experimentele poëzie.

Ze schrijft autobiografisch. En goed. In een geheel eigen stijl, die maar weinig verandering heeft ondergaan in de loop der jaren. Zo lijkt ‘Milk’, dat ik jaren geleden vertaalde, in veel opzichten op alle gedichten in Snowflake en dus ook op onderstaand gedicht:

POTLOODGEDICHT #5

Half in slaap; gulle
drukte van wimpers
een beker in een plastic tas.
Ogen knipperen
slok fatsoenlijke koffie
en terug naar knikkebollen
het is een rare sjees
dit lichaam waarin ik rij
al 59 jaar lang.

Eileen Myles
Vertaling Ton van ’t Hof

Nog even naar Benders. Zijn beste gedichten in Wôld, Wôld, Wôld! schijnen me ook autobiografisch toe. Maar Myles woont in haar gedichten, Benders niet. Als ik een gedicht van Myles lees dan kijk ik door haar ogen naar de wereld. Bij Benders koekeloer ik door zijn bril terug op het leven. Myles registreert, Benders reflecteert. Wat Benders in zijn beste gedichten ook anders doet: hij zet de taal naar zijn hand, weet me regelmatig met zijn vondsten uit het lood te slaan. Myles benut taal, Benders manipuleert.

(Dit bericht verscheen eerder, op 08-02-2013, op 1hundred1.tumblr.com.)

Gepubliceerd door

tonvanthof

Dichter & blogger o.a.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s